Slaven

Deel a. van Gelijkenis van de talenten

‘Hij riep zijn slaven en vertrouwde hun zijn bezit toe’ Matth.25:14b.

In de gelijkenis van de talenten gaat het dus over slaven, dus mensen die van hun heer waren en hem dienden. Zij ontvingen zijn bezit of zijn goederen, zoals andere vertalingen luiden. Denk hierbij aan: ‘Hij is de hogepriester van de toekomende goederen voor allen, die Hem tot hun redding verwachten’. >>>>>