Galaten 1:20-24
‘Wat ik u schrijf, zie, voor het aangezicht van God, ik lieg niet’ 20.
De zin ‘wat ik u schrijf’ heeft betrekking op het voorafgaande, op de gebeurtenissen die zich in Jeruzalem afspeelden. Paulus was daar maar 15 dagen geweest en hij had niemand ontmoet behalve Petrus en Jacobus. Deze mededelingen waren van zo groot belang, dat hij dit als het ware met een eed wilde bevestigen. >>>>>
