Niet langer slaaf, maar zoon

Galaten 4:1-7

‘Ik bedoel dit: Zolang de erfgenaam een onmondig kind is, verschilt hij in niets van een slaaf, hoewel hij heer is van alles; maar hij staat onder voogden en beheerders, tot het tijdstip dat de vader van tevoren heeft bepaald’ 1,2. 

Nadat Paulus in het vorige hoofdstuk het verschil tussen wet en belofte uitvoerig uitgelegd heeft, legt hij nu zijn pen even neer om dit gedeelte te overdenken. >>>>>