Het wereldgebeuren en het eeuwig evangelie

Geen overheid dan door God

Wie over de huidige, chaotische wereldsituatie spreekt, zal zich eerst moeten afvragen, hoe deze toestand ontstaan is. Het is duidelijk dat de verwarring niet door natuurlijke problemen veroorzaakt wordt, want de kennis en de mogelijkheden zijn groter dan ooit tevoren. Er zijn meer communicatiemiddelen en meer technische mogelijkheden. Toch moeten wij constateren dat deze factoren er niet toe bijdragen de wereldsituatie te ordenen. Zij verzekeren ons geen rust en vrede, zodat door onderlinge samenwerking, liefde en hulpvaardigheid het leefklimaat van de volken aan de normale eisen zou gaan voldoen. Het is van het begin af aan Gods bedoeling geweest, dat er veel volken zouden zijn, ieder met een eigen regering of overheid. Van deze zegt de apostel: ‘Ze staat in dienst van God en is er voor uw welzijn’. Iedere regering is dus geroepen het goede voor haar onderdanen naar geest, ziel en lichaam te zoeken. Van haar kant mag de overheid dan ook gehoorzaamheid eisen, zodat het volk te leiden en te besturen zal zijn. Wanneer tussen de regeringen onderling een goed contact is en zij alle met hetzelfde streven bezield zijn, kan er een vruchtbaar overleg zijn en zo gemakkelijk een oplossing gevonden worden voor ieders problemen. In dit verband spreekt de Bijbel over de ordenende wereldgeesten. Hieronder verstaan wij de menselijke geesten, zoals deze op de aarde leven en die verbonden zijn met een ziel en lichaam. Dit in tegenstelling met wat we zouden kunnen noemen de ‘hemelgeesten’, namelijk die uit de onzienlijke wereld, die niet gebonden zijn aan een ziel en een lichaam.

We onderscheiden bij deze laatste categorie de heilige engelen, die de speciale taak en opdracht hebben om de gehoorzame kinderen van God te beschermen en te ondersteunen, zoals er staat: ‘Zijn zij niet allen dienende geesten, uitgezonden om hen bij te staan die deel zullen krijgen aan de redding?’ (Hebr.1:14). Er zijn ook slechte (gevallen) engelen, van wie het doel is God tegen te werken en de wetteloosheid te bewerken; dus ontbindend te functioneren. De Bijbel spreekt bij al deze geesten van: overheden, machten en heerschappijen. Iedere engel moet zich onderwerpen aan de overheden, die boven hem staan, maar ook iedere menselijke geest, want ‘Iedereen moet het gezag van de overheid (op aarde) erkennen, want er is geen gezag dat niet van God komt’ (Rom.13:1).

‘Want in het verborgene is de wetteloosheid nu al werkzaam’

Nu is het zo, dat satans’ demonen hun ontbindende invloed laten gelden op de ordenende wereldgeesten op aarde, zodat deze regeerders niet meer in staat zijn het goede voor hun onderdanen te zoeken, zoals God dit wil, maar andere doelen laten prevaleren. Dit is alle eeuwen zo geweest, maar de machthebbers zijn altijd wel in staat geweest hun onderdanen gehoorzaamheid af te dwingen, wanneer dit niet vrijwillig ging. Nu zien wij echter hoe langer hoe meer, dat perverse ideologieën de plaats van vorsten gaan innemen. Hier is dus sprake van beheersing van volken door geestelijke machten, die vanuit de gedachtewereld de mens onderwerpen en leiden. Ook de regeerders zijn zelf aan deze wereldbeschouwingen onderworpen of omarmen hen inmiddels van harte.

Wij zien hoe de vooraanstaande volken door verschillende leerstelsels geleid worden en uiteenlopende idealen bezitten. Tegenwoordig gaat het niet meer om het goede voor het volk, maar om de heerschappij en de overwinning van de ideologie in het staatkundige leven. Bovendien zegt Gods Woord dat in het bijzonder in de laatste tijden er een verandering in de geestelijke structuur van de mens zal plaats vinden, natuurlijk ook onder beïnvloeding van deze wetteloze demonen van de duisternis. Het is duidelijk, dat een volk, dat zo wetteloos is, niet meer te besturen valt. De regeringen raken hun greep op de massa kwijt. Zij worden niet meer als voorheen geëerd en ontzien, maar bespot en gekritiseerd. De leidende wereldgeesten wankelen. Het is voor hen onmogelijk het volk wetmatig te leiden, omdat het gezag ontbreekt. Dit alles culmineert in wat Paulus schrijft in 2 Thess. 2:7:

  • ‘Want in het verborgene is de wetteloosheid nu al werkzaam; eerst moet degene die hem tegenhoudt (de ordenende autoriteit van de wereldgeesten) verdwijnen. Pas dan verschijnt de wetteloze’.

Wanneer de volken zich aan God noch gebod, aan zijn wetten en instellingen niet meer houden, is het duidelijk dat de complete chaos ontstaat, goed en kwaad wisselen stuivertje en ieder doet wat goed is in zijn ogen. Zo wordt vervuld: ‘Hij stelt kinderen als koning aan, willekeur zal er regeren’ (Jes.3:4,5). Dit alles is een niet te stuiten proces, wat wij vandaag voor onze ogen zien afspelen en dat naar complete anarchie voert.

Heeft de gemeente van Jezus Christus nog een weg tot ontkoming?

Zoals wij zien dat een wereld door de verwording en aantasting van de menselijke geest ten onder gaat, zo is er ook een oplossing door het herstel en de verheffing van de geest van de mens. Wel schiet de menselijke geest tekort in kracht. De apostel spreekt van die zwakke en arme wereldgeesten (Gal.4:9), die zich tevergeefs inspannen om het goede te doen. Daarom heeft God juist in deze tijd een Koninklijke oplossing beloofd: ‘Aan het einde van de tijden, zegt God, zal ik over ‘alles wat leeft’ mijn Geest uitgieten.’ ’Alles wat leeft’ wil zeggen allen, die het evangelie van Jezus Christus hebben aangenomen. De massa die dit evangelie verwerpt zijn immers dood door zonden en misdaden. Gods Geest zal in samenwerking met de menselijke geest de mogelijkheid verschaffen om zich te verheffen boven de ontbindende demonen van de duisternis. Hiermee wordt dan Geest gesteld tegenover geest en Kracht tegenover kracht.

Wij zoeken de oplossing niet in het menselijke kunnen vanuit het natuurlijke leven, maar wij weten ons burgers van een rijk in de hemelen, de geestelijke en onzichtbare wereld. Van daaruit wordt ons denken en handelen bepaald naar de wetten van God, zoals er staat: ‘Want allen, die door de Geest van God geleid worden, zijn zonen van God’ (Rom.8:14). Hierin ligt niet alleen de oplossing voor het persoonlijke leven, maar ook die voor de gemeenschap, de gemeente; van daaruit beïnvloeden Gods Geest en het leven van de gelovige de totale samenleving.

Wanneer er vernieuwing en herstel moet komen, zal dit alleen gaan langs de weg van het opnieuw geboren geestelijke leven, dat zich met vreugde aan de leiding van de goddelijke Geest onderwerpt. Zoals de chaos ontstaat en zich langs de geestelijke weg manifesteert, zo is ook alleen een herstel en vernieuwing mogelijk vanuit de Geest van God. Langs organisatorische weg is deze niet te verwezenlijken. Wij spreken van het evangelie, omdat deze de oplossing verwacht in twee dimensies. Wij verwachten immers naar zijn belofte een vernieuwde hemel en een vernieuwde aarde, waarin gerechtigheid woont. Deze vernieuwing begint vanuit de onzienlijke of geestelijke wereld (een nieuwe hemel) en wordt voltooid in de zichtbare wereld (een nieuwe aarde).