7. Herstel voor de totale mens – Slot

De Heer roept Gods kinderen op om bewust en kordaat op te klimmen naar zijn hoogte in de hemelse gewesten. De leer van het koninkrijk der hemelen van Jezus Christus geeft inzicht en kennis m.b.t. de onzienlijke, eeuwige wereld. Het herstel van de mens en de gemeente is daardoor mogelijk. Onder de grote beloften voor de eindtijd is die van de late regen wel de actueelste voor de nabije toekomst. Om tot de mannelijke rijpheid van Christus te komen is een goddelijke geladenheid van geest onontbeerlijk. Het woord van God is daartoe in staat. Jezus zei immers dat zijn ‘woorden’ geest en leven zijn (Joh.6:63). Diverse andere Bijbelteksten wijzen ook duidelijk in die richting:

  • Deuteronomium 32:2: Mijn ‘rede’ druppelt als dauw, als regenbuien op het jonge groen, en als regenstromen op het kruid;
  • Jesaja 55:10: ‘Want zoals de regen en de sneeuw van de hemel neerdaalt, alzo zal mijn ‘woord’, dat uit mijn mond uitgaat, ook zijn;
  • Joël 2:23: ‘want Hij geeft u de ‘leraar’ ter gerechtigheid; ja, regenstromen laat Hij voor u neerdalen, vroege regen en late regen, zoals voorheen’.

Wij verwachten een machtige openbaring van het spreken van God, als een late regen, waaruit een stroom van kracht door Gods Heilige Geest ons in staat zal stellen alle dingen te herstellen en op te groeien tot volwassen zonen van God. In Openbaring 10 vindt dat zijn climax. Een laatste spreken van God ter realisering van de volheid in zijn zonen en dochters.

Tegenwerking

Het is duidelijk voor de ervaren, opnieuw geboren christen, dat de vijand er alles aan gelegen is om die geestelijke doorbraak te verhinderen. Als de geest van verwerping door verleugening een geestelijke minderwaardigheid aan de gelovige niet meer verkopen kan, zal de geest van weerspannigheid alles op alles zetten om een blokkade op te werpen tegen de doorwerking van Gods woord. In Jeremia 3:1-5 wijst deze profeet één van de oorzaken aan die de late regen tegenhouden: geestelijke hoererij. Hiermee wordt aangeduid de gemeenschap met boze geesten door te geloven in hun valse leringen (1 Tim.4:1). En dat zonder schaamte, maar brutaal en hardnekkig.

In Jeremia 5:20-25 komt de aap uit de mouw. Weer wijst de profeet op de ongerechtigheden van het volk, maar nu met de toevoeging van DE diepste wortel van dat probleem: weerspannig van hart. Dáár ligt het begin van het kwaad, in eigen hemel. De geest van weerspannigheid probeert andere geesten (bv. zondemachten, vrome geesten), geplaatst te houden in Gods volk, zodat men niet aan werkelijk geestelijk leven toe komt. Men valt dan van z’n hoogte en gaat zich slechts bezig houden met de natuurlijke dingen (Op.3:5). De profeet Haggaï signaleerde dat al:

  • ‘U hebt op veel gerekend, maar het liep op weinig uit. Waarom? Om mijn huis dat verwoest ligt, terwijl u draaft, ieder voor zijn eigen huis. Daarom heeft de hemel zijn dauw ingehouden en de aarde haar opbrengst’ (Hagg.1:9,10). De late regen kon zo niet komen: ‘er was geen oor dat hoorde en geen oog dat zag’ (Jer.5:21).

De weerbarstigheid, de verharding speelde het volk parten.

Gewillig

Wat een enorme tegenstelling vormt het bovenstaande met de uitspraak uit Psalm 110:3: ‘Uw volk is een en al gewilligheid ten dage van uw heerban.’ Gewilligheid, in plaats van weerspannigheid. Het aantrekkelijke van de mens is immers zijn welwillendheid’ (Spr.19:22). Maar die aantrekkelijkheid wordt helaas aangetast door de demonen van de duisternis, zeker door de geest van weerspannigheid. Het is de hoogste tijd om hier aan te werken en tot bevrijding en heling te komen, ja, tot een heropvoeding in denken en gedrag. Het ‘voegt u, als gehoorzame kinderen,’ uit 1 Petrus 1:14, moet hard gemaakt worden in het dagelijks leerlingschap. De dag van de strijd nadert en de Heer biedt door nieuwe, diepere inzichten aan allen de gelegenheid orde op zaken te stellen. Niemand hoeft achter te blijven. Maar dan mag en kan niet langer ontgaan wat Hij hierin geeft (Jer.8:13c).

Het is een fase in Gods planning die niet overgeslagen kan worden. Het voedsel zal op het juiste moment gegeten moeten worden, willen opnieuw geboren christenen in de juiste positie komen voor de naderende strijd. Geen enkele weerspannige geest zal mogen blijven zitten. Dit betekent dus bevrijding en toezien op vrij blijven. Daar kan aan gewerkt worden als ieder zich eerlijk onderzoekt, hoe en waar en wanneer deze vijand zich probeert te roeren.

Sommigen kunnen zo moeilijk toegeven dat weerspannigheid in hun leven aanwezig is. Dat is nu juist een werking van die macht. Men probeert dan het een en ander, in bv. het karakter, gladjes weg te masseren, te onderdrukken, in te houden. Maar dàt is geen verlossing. Op een kwade dag komt de eruptie toch. Denk aan Mozes!

Liefde

Is het nu zo dat de duivel zoveel macht en invloed op de gelovige zou hebben, dat deze geen kant op kan? Natuurlijk niet. ‘Wie ben jij, grote berg? Voor het aangezicht van Zerubbabel wordt jij tot een vlakte’ (Zach.4:7). Jezus zegt: ‘De waarheid zal u vrijmaken’ (Joh.8:32). De belangrijkste aanzet daartoe is ieders persoonlijke liefde tot die waarheid. Dus ook de keuze voor die waarheid en de weg van Jezus. Hoe de vijand soms ook woedt en tegenstaat, als een mens zijn God en Schepper werkelijk liefheeft en zoekt te dienen, zal hij in staat gesteld worden uit de hand van ALLE vijanden verlost te worden (Luc.1:74). Geen enkele macht, ook die van weerspannigheid niet, zal dat kunnen verhinderen.

Dit geldt ook andersom: niemand en niets zal God tegen kunnen houden om ons lief te hebben en daar gestalte aan te geven (Rom.8:38,39). Liefde van God en zijn Zoon tot de mens en van de mens tot God en zijn Zoon is de basis waarop al het andere, het goede, het welgevallige en het volkomene gebouwd gaat worden. De verantwoordelijkheid van de mens hierin is zijn bewust gewilde keuze om Hen lief te hebben. Daarbij merken we op, dat die wil en keuze normaal zijn, omdat liefde tot de grote Schepper ingeschapen is.

Geheel anders

Wat is het leven zonder weerspannigheid toch mooi. Deuteronomium 11:13,14 houdt ons voor om de Heer met gehéél het hart lief te hebben en te dienen. Niet met een gedeeld hart dus. Hij zal ons dan de vroege en late regen op zijn tijd (kunnen) geven. Hosea sprak al namens ons, toen hij zei dat wij er naar zullen jagen de Heer te leren kennen. Dàn zal Hij tot ons komen als de late regen (Hos.6:3). In die zuivere, ongestoorde en innige gemeenschap met de Vader en de Zoon zullen de zegenrijke regens ons leven totaal en blijvend verkwikken (Ez.34:20-26).

‘Met heel uw hart’

Hoe dikwijls komen deze woorden uit de Bijbel niet tot ons? Hoevelen zullen hier naar gehunkerd hebben, omdat zij in hun liefde tot God waarachtig waren? Nu is het dan eindelijk de tijd èn de gelegenheid om daar aan te beantwoorden. Jezus heeft dit zo intens voor ons gebeden voor zijn heengaan: ‘Vader, dat zij volmaakt zijn tot één’ (Joh.17:23). Niet gedeeld, niet schizofreen. Geesten van verwerping en weerspannigheid zijn daar juist de veroorzakers van. De ene keer gedraagt de mens zich naar gedachten en gevoelens vanuit de geest van verwerping, de andere keer vanuit de geest van weerspannigheid. En deze twee reacties zijn in hun uitingen tegengesteld. Bij sommigen neemt dit zelfs ziekelijke vormen aan.

Ongeloof

Innerlijke verdeeldheid ontstaat niet zo maar. Door inwerking van de machten van de duisternis – zeker die van verwerping en weerspannigheid – met verleugening en blokkade kan de gelovige onzeker worden en verdwijnt spontaniteit en daadkracht. Ongeloof en twijfel hebben hun wortels in de onzienlijke wereld en zijn niet zonder meer tekorten van de mens. Wel heeft de mens een opdracht daarin. Om met Jacobus te spreken: de demonische wind die de golfslag van ons hart probeert op te jagen, zal uitgeschakeld moeten worden.

Iets dergelijks demonstreerde de Heer in de zienlijke wereld op het meer van Galiléa. Ieder zal dit in eigen hemel moeten doen en dat vooral ten opzichte van bovengenoemde vijanden. Zo bewerkt men innerlijke vrijheid en een klimaat om te kunnen geloven. Het woord van God valt dan niet op de rotsgrond van weerspannige geest of op het drijfzand van de geest van verwerping. Jesaja 1:20 gaat dan in vervulling: ‘Als u gewillig bent en luistert, zult u het goede van het land eten.’ De late regen zal ons zó kunnen doordrenken dat wij zèlf tot een regenbui voor anderen zullen worden: ‘Het overblijfsel van Jacob zal te midden van veel volken zijn als dauw van de Heer, als regenstromen op het groene kruid’ (Micha 5:6).

Hulp

Onderwerp u dus aan God en nader tot Hem (Jac.4:7,8). Wie dat wil, zal dat kunnen. De eventuele tegenwerkende processen in het innerlijk – tijdens keuze en uitwerking voor en van je liefde tot God – zijn dan de signalen van een zichzelf verradende weerspannige geest. Stel hem dan ten toon door bv. een gesprek er over te hebben met vertrouwde gelovige(n). Breng hem naar buiten en ‘bescherm’ en ‘verdedig’ de vijand niet door uitstel, ontkenning, gedraai, uitvluchten en vrome praat. Het is de normaalste zaak van de wereld als gelovigen, die het waarachtig menen met de zaak van de Heer, elkaar helpen. Niets is ons toch vreemd op dat terrein en we weten dat alle kwaad en afwijking uit de koker van de vijand komt. We kijken elkaar er niet op aan, maar zullen wel de rechte weg moeten gaan.

Dat betekent allereerst ernst maken met wat de Heer voor deze tijd onder de aandacht wil brengen m.b.t. de geestelijke wereld. Ten tweede zal men daar daadwerkelijk mee aan de slag moeten gaan. Zonder vooroordelen, zonder spot, zonder afwijzing. Vervolgens is in de gemeente bevrijding mogelijk, ook als het een wèg naar bevrijding zou zijn. Niet alles lost zich meteen op. Zeker zaken die met ons onderwerp te maken hebben, vergen meer tijd en inzet van ons allen.

Tenslotte – en dat vraagt eigenlijk de meeste aandacht – is verandering in denken en gedrag, nadat de banden met deze geesten verbroken zijn, de doorslaggevende factor tot herstel van de totale mens.

Doe het anders

Wanneer men zicht heeft gekregen op de werkingen van de geesten van verwerping, weerspannigheid en hysterie, zowel door wat in de gemeente geleerd wordt als door eigen observatie, zal men waakzaam en nuchter zichzelf een heropvoeding gaan geven. De adviezen daartoe worden in het evangelie, het woord van God, aangereikt. Dat zal altijd voorop moeten gaan. God zendt zijn woord en geneest. Daarnaast geldt ook een ‘onderwerp u aan de oudsten’ (1 Petr.5:5) en ‘gehoorzaam uw voorgangers’ (Hebr.13:17), wat mogelijk is geworden door bevrijding van bv. de geest van weerspannigheid. Zij zijn het die de gemeente helpen in herstel en vorming. Onder leiding en inspiratie van heilige Geest en vanuit hun ervaringen kunnen zij, naast het woord van God, veel goede raad bieden.

Steeds beter zal de gelovige weten hoe het niet moet, dus wat verwerping, weerspannigheid en hysterie in zijn dagelijks functioneren is (was). Die manier van denken, reageren, spreken, handelen laat hij gaandeweg los. Dit zal bij volhardend oefenen gelukken en zo wordt hij zelf ook meer en meer losgelaten, omdat de vijand in hem steeds minder vindt om bij aan te sluiten. Tegelijkertijd zullen ‘normale’ gedachten en gedragspatronen aangeleerd en eigen gemaakt moeten worden. Hierbij mag, ja moet men zijn gelovig vertrouwen geheel en al stellen op Gods Heilige Geest. Door zijn werking in en tijdens ons oefenen zal men de volle gerechtigheid bereiken (Gal.5:5). Hij neemt het uit Jezus en zal het ons vertellen.

Help elkaar hierbij. Er is een gezamenlijke vijand, een gezamenlijke strijd, een gezamenlijke opdracht. Geef elkaar eens een goede hint, een bemoediging, een goed getuigenis van overwinning en hervorming op dit terrein. Bid voor elkaar, verdraag elkaar en heb geduld, zowel met jezelf als met de andere broers en zusters, die de weg van de Heer bewandelen. Gezamenlijk zal men dan ook het feest van de voleinding vieren. Het kan!

Het kan wel

Ja, het kan. Het is haalbaar, mogelijk, om een volledige verlossing en herstel te bereiken. Dit geloof zal ieders deel moeten zijn. En dat niet in algemene zin alleen, maar ook dagelijks in allerlei praktische zaken. Allen die Hem aangenomen hebben, heeft Hij macht gegeven zonen van God te worden, zij die in zijn naam geloven (Joh.1:12). Deze heerlijke woorden zullen steeds in het innerlijk klinken en beleden moeten worden. Romeinen 6 werkt dit principe verder uit. Vooral in de verzen 4,6,8,11,12,13. De geestelijke realiteit waar de waterdoop op stoelt, is zo sterk en waar, dat men daar heel praktische zegeningen uit kan weghalen. Men kan zèlf na bevrijding en bij een redelijk herstel al heel goed en duidelijk ‘nee’ zeggen tegen nieuwe verleidingen en aanvallen van deze vijanden. Er zullen zelfs ogenblikken zijn dat men niet direct strijdt, maar de satan ‘gewoon’ negeert.

Opnieuw geboren christenen zijn ‘dood’ voor de satan, dus ook Oost-Indisch doof en blind, door hun doop in Jezus’ dood. Ze verheffen zich dan boven hem. Dit is het begin van koningschap. Het hoeft en mag zelfs niet zo blijven dat er voortdurend een beroep op anderen gedaan moet worden om vrij te blijven of om op te krabbelen na iedere tegenslag. Daar wordt niemand volwassen van. Alleen als men met deze weg begint, of op een zeker ogenblik echt is vastgelopen, zal vanuit de gemeente zeker hulp geboden moeten worden. Mondigheid in eigen hemel bouwt men echter op vanuit een helder inzicht op zowel ‘de gedachten van de satan’ om uit z’n klauwen te blijven (2 Cor.2:11), als vanuit de positie die men ontvangen heeft in Gods koninkrijk. Bij die positie horen de geestelijke zegeningen in de hemelse gewesten in Christus Jezus (Ef.1:3).

Wij zijn uit God geboren kinderen en kunnen dus overwinnen (1 Joh.5:4). We zijn levend geworden voor God in de Heer en hebben deel gekregen aan de goddelijke natuur (2 Petr.1:4). We overwinnen als we daadwerkelijk aanpakken en inzetten wat Jezus ons geschonken heeft. Wij kunnen nee zeggen tegen opkomend innerlijk verzet van de weerspannige geest; wij kunnen nee zeggen tegen subtiele negatieve en leugenachtige gedachten van de geest van verwerping; wij kunnen nee zeggen tegen die neigingen die de geest van hysterie aan ons wil opdringen. Wij kunnen die werken wèl afleggen. Daar hebben wij macht toe gekregen. HET KAN!

Boven deze artikelenserie staat ‘Herstel voor de totale mens’. Betekent dit nu dat alleen door de hier beschreven inzichten over verwerping, weerspannigheid en hysterie alles op te lossen is? Nee. Er zijn uiteraard meerdere aspecten van het Evangelie van het Koninkrijk der Hemelen, die daar een rol in spelen. De bovenstaande inzichten bieden echter een sleutel om überhaupt verder te komen in herstel en groei. Het zijn wezenlijke zaken voor de mens. Bij een doorbraak in deze zaken ligt de  weg open voor het meerdere. En dat is wat de Heer met ons voor heeft. Voor de eenentwintigste eeuw kan hierdoor een weg geplaveid worden om Hem tegemoet te gaan en dus meer vorm te geven aan beginnend zoonschap. Mag Hij u daarbij zegenen!