Gods Geest en de eindtijd

Wij leven in de tijd van Gods Heilige Geest. De voetstappen van Jezus zijn niet meer te zien in het zand van de Galileïsche kust. De menigten verdringen zich niet meer om de stem van de Meester te horen en zijn wonderen te zien. Weg is de Revolutionair uit Nazareth met zijn alarmerende boodschap, dat het Koninkrijk van God dichtbij gekomen is. Zijn smadelijke dood aan het kruis sloeg de bodem in van de hoop die enkelen nog koesterden. Alles is nu voorbij. Om de laatste twijfelaars te overtuigen werden de wachters bij het graf met wat geld omgekocht: ‘de leerlingen hebben het stoffelijk overschot van Jezus weggenomen.’ Van Hem noch van dat handjevol volgelingen zal men ooit meer horen. De menigten horen ook inderdaad niets meer van Hem. Tijdens de veertig dagen na zijn opstanding werd Hij geen enkele maal door een ongelovige gezien. Bij de Hemelvaart waren slechts zijn vrienden aanwezig. En dit was dan echt het einde. Er kwam echter een nieuw begin: het pinksterfeest. De Heilige Geest werd uitgestort om alles mogelijk te maken wat Jezus gezegd en opgedragen heeft. En Gods Heilige Geest leert ons uit de Bijbel en door profetieën, dat wij nu in de eindtijd leven!

Noach en de eindtijd

De taak van Noach werd ingeluid, toen God tegen hem zei: ‘Het einde van alles wat leeft is door Mij besloten’ (Gen.6:13). Het staat er zo duidelijk: dat het einde door God besloten is en niet door een afschuwelijke Staatspropaganda. Ook al is de vernietigende kracht van Hightech globalisten groot genoeg om een eind te maken aan onze wereld, toch hoeven wij niet bang te zijn voor hun afschuwelijke propaganda. Zelfs Goebbels zou jaloers geworden zijn op dit tuich. Heerlijk om voorgoed met die vrees af te kunnen rekenen. Want het einde is (ook nu) door God besloten. In Matth.24:37 zegt de Heer Jezus dat het in de eindtijd zal zijn zoals in de dagen van Noach. De mensen waren ‘etende en drinkende, huwende en ten huwelijk gevende’. Op zichzelf zijn dit nog geen symptomen van de naderende eindtijd. Wij moeten deze omstandigheden verstaan als de entourage waarin de profetie van Noach tot vervulling komt.

Noach en de profetie

Dat Noach en de catastrofale zondvloed met de eindtijd in verband worden gebracht, hangt in de eerste plaats samen met de profetie. God besloot niet zonder meer tot het zenden van de zondvloed. Ook toen Sodom en Gomorra vernietigd werden, deed Hij dit niet zomaar. God besprak het met zijn knechten: ‘Zou ik voor Abraham verbergen wat Ik ga doen?’ (Gen.18:17). En zo is het ook nu nog: ‘Zeker, de Heer doet geen ding, of Hij openbaart zijn raad aan zijn knechten, de profeten’ (Amos 3:7). Ook wij hebben een God, die spreekt, roept en vermaant. Het drama in Noach’s tijd voltrok zich omdat de etende, drinkende, huwende en elkaar afslachtende mensen niets merkten (Matth.24:39). Merkt de wereld vandaag iets van het spreken van God? Kennen de Bijbelbelten, Staphorster Varianten en Rome nog de stem van hun Heer?

Profetie en opdracht

Profetie en opdracht gaan altijd samen. God maakt ons geen wegwijzers die een boodschap doorgeven en dan verder doelloos aan de kant van de weg blijven staan. God maakt gidsen van ons: mensen die de weg weten, wijzen en … zelf voorgaan. God had nog nauwelijks het oordeel van de zondvloed aangekondigd of Hij gaf Noach de opdracht een ark te maken. Vanaf het begin was Hij er op uit om te redden, zodat Hij toch zijn doel met de schepping kon bereiken. Het doel namelijk om zijn Koninkrijk hier op aarde te vestigen in mensen en om de duivel te overwinnen. Daarom werd dus de ark gebouwd, precies volgens de aanwijzingen wat betreft lengte, breedte, wijze van waterdicht maken, enzovoort. Voor twijfel of menselijke ideeën (verbeteringen noemen technici dat, voortschrijdende openbaring zeggen de theologen) gaf God geen ruimte. Zó moet het, Noach, anders volgt ook voor jou de ondergang. En gehoorzaam bouwde Noach de ark tot redding van de mens (Hebr.11:7).

Opdracht en zending

De situatie vandaag is net als in de dagen van Noach. De mensen zijn niet slechter dan vroeger ‘in die goeie ouwe tijd’, alleen anders. De tragedie is, dat zij het niet merken als God tot hen spreekt. Men kan dit de wereld niet kwalijk nemen, want ook het schijnchristendom doet alsof God niet gesproken heeft. Tweeduizend jaar geleden heeft Jezus Christus al gezegd: ‘Ga heen in de hele wereld, breng het evangelie aan de hele schepping’ (Marc.16:15). Als wij die zendingsopdracht niet uitvoeren brengen zullen ook wij omkomen, want God heeft tot ons gesproken. De zendingsopdracht geeft ons de gelegenheid ons geloof in de woorden van Jezus te tonen. Zullen wij alleen geloven wat Hij zegt over de hemel, maar zullen wij zijn opdrachten niet serieus nemen? Echt geloof maakt iemand bereid tot het brengen van offers. Al het andere is filosofie of bijgeloof. Daardoor is nog nooit iemand gered, laat staan dat hij door God gebruikt zou kunnen worden voor de vestiging van zijn Koninkrijk en de vernietiging van de vijandige legers.

Zending is een zaak van geloof. Noach bouwde zijn schip toen er nog geen zee te bekennen was. Hij bracht zichzelf in een onmogelijke situatie, maar hij deed het in gehoorzaamheid. Zo willen ook wij reizen ondernemen naar landen waar men officieel niet mag binnenkomen. Wij willen Bijbels verspreiden waar die niet te koop zijn via de normale handel en gelovigen bezoeken, die in hun isolement een woord van bemoediging broodnodig hebben. Daar willen wij ook de hemelse instructies doorgeven over de bouwen de afwerking van de ark. Maar allereerst willen wijzelf persoonlijk aan de roep van de Meester gehoor geven: kom! Tot Jezus komen betekent Hem volgen, die als een graankorrel in de aarde viel en stierf. Tot dit uiterste willen wij bereid zijn. De uitvoering van Jezus’ grote opdracht eist een volkomen toewijding, zonder compromis of reserves.

Geloof en oordeel

Valse religies, ideologieën en de dwaalleraars van deze tijd eisen een volkomen toewijding van hun volgelingen. Op de Heer Jezus na is de duivel de hoogste bieder voor het leven van de mens en dank zij de corrupte religieuze systemen van deze tijd boekt hij daarmee verbijsterende successen. Slechts één ding is daar tegenover te stellen: radicale ernst maken met de boodschap en de opdracht van Jezus Christus, Hij zegt: ‘Mij is gegeven alle macht in hemel en op de aarde. Ga dan heen’ (Matth.28:18).

Nog even terug naar Noach: ‘door dat geloof heeft hij de wereld veroordeeld’ (Hebr.11:7). Elke stap die wij in het geloof doen, is een verdere veroordeling van de wereld van de ongelovigen en alle Godhaters. Nalatigheid is medeplichtigheid:

  • ‘Wij zijn echter geen mensen die zich onttrekken en daardoor naar het verderf gaan, maar mensen die geloven, tot behoud van hun ziel’ (Hebr.10:39).

Wij leven in de eindtijd, net zoals in de dagen van Noach. Er is weer Godsspraak: ‘En het zal zijn in de laatste dagen, dat Ik zal uitstorten van mijn Geest’ (Hand.2:17). Dit zien wij op het ogenblik overal in de wereld gebeuren. ‘Jonge mannen zullen gezichten zien’. Zij zullen visie hebben. Visie en geloof. Geloof dat alles mogelijk is, zolang het gebaseerd is op het Woord van God. De akker is de wereld en Gods Geest spreekt tot ons.

Spreekt Gods Geest ook al tot u?