New Age Art
In het boek van dr. Matzken, wat we hier bespreken, is een deel gewijd aan ‘De wereld der Muzen’. Zoals uit de geschiedenis blijkt, zijn kunstenaars door hun ontvankelijke geest in staat invloeden en veranderingen die ‘in de lucht zitten’ eerder op te vangen dan ‘gewone mensen’. Vaak zijn zij hun tijd ver vooruit en laten door beeld, toon en woord hun boodschap m.b.t. de toekomende tijd doorschemeren. De ‘kunstenaar’ heeft dan contact met ‘hogere sferen’ en geeft deze inspiratie vorm in schilderijen, muzikale composities en boeken. Deze transcendente kunst heeft een naam: de New Age Art. Vervolgens komen er tentoonstellingen, zoals ‘The Spiritual in Art’ (Het Geestelijke in de Kunst) om de contacten met die sferen aan het publiek over te dragen, zonder dat dit er om gevraagd heeft.
New Age muziek
Verder zien we boeken verschijnen met New Age poëzie en programma’s over New Age muziek. De productie van met name dat soort muziek is veel groter dan men vermoedt en breidt zich nog steeds uit. Een voorbeeld hiervan is de minimummuziek.
New Age Minimummuziek
‘De vader van de minimummuziek is de Amerikaanse componist organist Terry Riley, die deze hypnotische muziek in een toestand van trance speelde, die hem – naar zijn eigen zeggen – toegang gaf tot het oergeluid’. Deze ‘minimummuziek’ is een vorm van meditatieve muziek, waarbij korte motieven voorkomen als aaneengeschakelde reeksen van voortdurend dezelfde arpeggio akkoorden. Dit zijn akkoorden, waarbij de tonen van een samenklank niet gelijktijdig, maar kort na elkaar in een bepaalde volgorde worden voortgebracht. Over die akkoorden heen, worden zeer beperkte maar eindeloze melodieën geweven. Hierbij verandert de klank heel geleidelijk zonder dat de melodie zich wijzigt en waarbij de variatie nauwelijks wordt opgemerkt’. Dit is ook weer zo’n typische New Age tactiek: dat geleidelijke, ongemerkte, sluipende. Het toont verwantschap met een dwaalleer, die ook vaak met een kleine, nauwelijks merkbare afwijking begint.
Paradigma
Een andere term die steeds opduikt, is paradigma. Ook dit is een (Grieks) woord uit de wetenschap en betekent: voorbeeld, model, patroon. Iemands paradigma omvat zijn hele denkwereld, veronderstellingen, waarheden, kortom: alles wat hij van jongs af tot nu geleerd heeft. Het betreft echter ook zijn manier van denken, zijn denkwijze. Anders gezegd: alles wat tot nu toe gezegd en geschreven is en de zaken die men aanvaard heeft, inclusief wat aangepraat is en men nu gelooft. Volgens de leer van New Age moeten de vaststaande, starre paradigma’s van het christelijke Vissentijdperk verdwijnen. Zij dienen plaats te maken voor het nieuwe, flexibele, open denken van de Waterman. Dat alles op ‘gezag’ van een occulte, astrologische tijdsaanduiding. Aangezien niemand graag hoort: ‘Jij loopt zeker nog met je oude paradigma rond!’, laten velen zich het, in Bijbelse termen verpakte, ‘nieuwe’ paradigma letterlijk aanpraten.
Het geraffineerde hierbij is, dat een verandering van paradigma – Bijbels aangeduid met vernieuwing of verandering van denken, op zichzelf niet verkeerd, ja, soms noodzakelijk is. Maar dan wel op Bijbelse gronden en niet door ‘argumenten’ die uit de astrologische lucht gegrepen zijn. De tragedie is echter dat veel naamchristenen niet Bijbelvast blijken te zijn. De hoeveelheid verwarrende informatie die op hen afkomt, kunnen ze niet verwerken. Door de vele Bijbels aandoende woorden zien ze er toch ook ‘wat waars… in. En zo worden miljoenen argeloze mensen door deze schoonklinkende, vrome taal misleid (Rom.16:18). Het gaat er echter niet om of er ‘wat waars in zit’, maar om dé waarheid. En deze waarheid blijkt in één Persoon: Jezus Christus!
De plaats van Jezus Christus
Uitgerekend hiermee hebben de ‘New Age’ lovers de grootste moeite. Niet met het feit dat Jezus bestaan heeft. Ze geven Hem (allen vanuit hun flexibele, open paradigma) een plaatsje in hun systeem. Het hindoeïsme bijvoorbeeld, beschouwt Jezus als de grootste yogi die alle negen vormen van yoga volmaakt beheerste: als ‘hatha yogi’ beheerste Hij zijn lichaam en kon Hij veertig dagen vasten in de woestijn; als ‘prana yogi’ beheerste Hij zijn adem en kon Hij beschikken over de ‘ruach’ of Geest van God. Met veel respect wordt Jezus genoemd naast Boeddha, Krishna, Mo en andere ‘verlichte demonen’. Het spiritisme beweert:
- ‘Jezus was een groot joods medium, maar verder was er niets bijzonders aan Hem…’
Volgens weer andere opvattingen was Hij een groot ziener of een revolutionair. Elk systeem heeft zijn eigen Jezusbeeld. Dat werd al gemaakt toen de Heer zelf op aarde rondliep. Vandaar zijn vraag: ‘Wie zeggen de mensen dat Ik ben?’ (Markus 8:27). In ieder geval zien we dat men in de vele religies Jezus onmiskenbaar als ‘iets’ bijzonders beschouwt en men ‘meer’ in Hem ziet dan vele moderne theologen, die spreken van Jezus van Nazareth, de zoon van een timmerman.
Een ander merkwaardig raakpunt betreft de terugkomst. Ook de Nieuwe Tijd spreekt, net als het christendom, van de ‘terugkomst van Christus’. Ook deze beweging ziet naar de komst van ‘Christus’ uit. Ook zij kent een ‘Maranatha’-gebed. En dan niet van een woord Maranatha (in het Aramees) of vertaald in het Nederlands met drie woorden: Kom, Heer Jezus. Nee, voor hun ‘christus’ is een veelheid van woorden, namelijk 3×33 = 99 woorden nodig! Uit dit ‘gebed’, ook wel ‘de grote aanroep’ genoemd, citeren we een paar verzen:
- ‘Vanuit het Punt van Liefde in het Hart van god stromen Liefde uit in alle mensenharten: Moge christus tot de aarde terug keren…’
De echte komende Christus heeft echter gezegd: ‘En gebruik bij uw bidden geen omhaal van woorden, zoals de heidenen; want zij menen door hun veelheid van woorden verhoord te zullen worden’ (Matth.6:7). De heidenen proberen door hun omhaal van woorden hun christus omlaag te halen en halen zo inderdaad de Naam van Jezus Christus omlaag. Het opmerkelijke in het aangehaalde ‘gebed’ is de christelijke toon. Als men het leest met een ‘open’, onbevangen geest (en niet weet door wie deze verzen zijn geïnspireerd), zou het bij wijze van spreken zo in de zangbundel opnemen. En wanneer we de slotregels lezen: ‘Moge Licht en Liefde en Kracht het Plan op aarde herstellen…’, zouden we er (bijna) ons ‘Halleluja’ aan toevoegen! Toch is zulke taal er al vanaf ‘het begin’.
Sprekend de draak
In Genesis 2:16 zegt God: ‘Van alle bomen in de hof mag u vrij eten’. In Genesis 3 komt met het eerste vers ook de eerste leugen in de wereld. Daarin spreekt de oude slang zijn eerste, uiteraard negatieve, zin: ‘U zult niet eten van enige boom’. Precies het omgekeerde en hij voegt er nog vroom aan toe: ‘God heeft zeker wel gezegd’ een drievoudige leugen! Daarmee zal ‘de duivel en de satan’ tot het einde toe doorgaan, op deze wijze God imiterend in de gestalte van de antichrist. Hij zal zich als het Lam voordoen, maar als hij zijn ‘mond’ opendoet, zal hij sprekend de draak zijn, zoals er staat:
- ‘En ik zag een ander beest opkomen uit de aarde en het had twee horens als die van het Lam, en het sprak als de draak’ (Openb.13:11).
We zullen daarom alle publicaties moeten toetsen om te zien of het geïmiteerde of door Jezus Christus geïnspireerde woorden zijn. De oeroude imitator, de antichrist, zal steeds meer van zich doen spreken en de wereld door zijn schoonklinkende en vrome taal proberen te misleiden.
De integrale school
Dr. Matzken spreekt in zijn boek ook over de grote invloed van het New Age denken op het onderwijs, ook in Nederland. Opnieuw zien we de frappante overeenkomst in taalgebruik van New Age en christendom:
- ‘Het New Age onderwijs is gericht op het tot stand brengen van een ‘nieuwe mens’, die als een soort zendeling de achtergebleven ‘oude mens’ wil helpen het oude achter zich te laten en het nieuwe tijdperk in te treden…’
Antroposofie als hulpje voor de kinderen…

Omdat kinderen een ontvankelijke geest bezitten, richt New Age zich graag op deze doelgroep. Vooral jonge kinderen lopen nog niet met een oud paradigma rond en aanvaarden alles wat ‘nieuw’ is. Maar ook ouders staan meestal niet afwijzend tegenover nieuwe onderwijsvormen, vooral wanneer vanuit de school (bijvoorbeeld op ouderavonden) wordt aangetoond hoe goed de nieuwe aanpak is en welke duidelijke leerresultaten deze oplevert. Men moet van goede (geestelijke) huize komen, wanneer men meent hierover als enige (?) enkele kritische vragen te stellen (vergelijk de Antroposofie in Nederland).
Linker- en rechterhersenhelft
Helemaal moeilijk wordt het, wanneer wetenschappelijk wordt verklaard hoe alles in elkaar zit. Met Powerpoint presentaties wordt aangetoond dat ieder mens een linker en rechterhersenhelft heeft. Dat is ook zo; daarin valt niets nieuws te ontdekken. Deze menselijke anatomie kan men in ieder schoolboek ‘biologie’ vinden. Dan verschijnt het volgende:
- ‘Zoals u ziet, vinden we in het linkerdeel van de hersenen het gebied van het rationele, logische en in het rechterdeel het meer irrationele, intuïtieve gebied. Bekend is, dat we nog geen 90-95% van onze hersenen gebruiken, vooral met betrekking tot het rechterdeel’.
Na zo ‘n medische, wetenschappelijke ‘verklaring’ durft men niet eens meer bedenkelijk te kijken. En zonder dat men er erg in heeft, vertelt men aan kennissen wat men ervan geleerd heeft en hoe vooruitstrevend die school wel is….
Het nieuwe normaal…

Nu zijn er de laatste jaren zeer veel veranderingen in het onderwijs doorgevoerd. Het geraffineerde hiervan is, dat deze ‘verbeteringen‘ automatisch op het conto van de New Age aanpak wordt geschreven, terwijl deze bij nader inzien vaak op ‘oude’, bekende didactische principes blijkt te berusten. Nu zullen er ongetwijfeld nog enkele docenten zijn die voor een deel nog volgens het ‘oude paradigma’ werken. Die vragen stellen als: ‘Hebben jullie het begrepen?’, zonder te controleren of ‘het’ inderdaad is overgekomen. Dat zijn ook degenen die na een repetitie hoofdschuddend in het werk van de leerlingen zitten te strepen en daarbij gemakshalve vergeten, dat deze strepen misschien ook iets betekenen voor hun werk. Veel weten is een kunde, weinig goed overdragen is een kunst! In ieder geval doen zulke generaliserende beweringen het nog steeds goed; geen enkele leraar wil immers voor ‘ouderwets’ versleten worden. Daarom is de kans groot, mede door de druk van de schoolleiding, dat hij met de ‘nieuwe’ methode meegaat en in zijn denken ook langzamerhand omgaat.
Gevaarlijk wordt het wanneer jonge kinderen rechtstreeks met deze onderwijsvormen in contact komen. Meestal gebeurt dit op een voor kinderen aantrekkelijke wijze, bijvoorbeeld in de vorm van taalspelletjes. Een kind mag een woord roepen: aap! Dat wordt op het bord geschreven. Een ander roept: dierentuin! Vervolgens: natuur, vervuiling, batterijen, mobieltje, Tv en ga zo maar door.
Holisme

Dan worden er groepen van die woorden gevormd, speciale verbindingen gelegd (clustering genoemd) die aantonen dat alles eigenlijk een geheel vormt (holisme). Zo wordt de rechterhersenhelft ontwikkeld, wat op zichzelf, als dit waar zou zijn, niet erg is, maar hiermee wordt wel een basis gelegd voor een nieuwe, holistische beschouwing en wel voor de nog kleine wereld van het kind. Het misleidende ook hier is, dat dit soort ‘taalspelletjes’ allang bestaat.
Kinder Yoga
Deze woordassociatie, waaronder ook de taalspelletjes vallen, vormt gewoon een onderdeel van het vak Taalexpressie. Daarin zit dus niets verdachts. Het wordt echter in de nieuwe benadering in een holistische richting gestuurd en in feite misbruikt, zoals trouwens met de taal-in-het-algemeen altijd kan gebeuren: men kan ermee loven en prijzen, maar ook vervloeken (Jac.3:9). Anders ligt het voor ouders die hun kinderen naar de kinderyoga sturen, waar soms leer-, slaap- en andere gedragsproblemen worden behandeld.
Kinderen met Januskoppen
Hetzelfde geldt voor een bewuste keuze voor een New Age basisschool. Hier leren de kinderen ‘Janusiaans denken’. Dit is het verenigen van tegenstellingen in een persoon. Afgeleid van de oude Romeinse god met de januskop, de god met twee gezichten, ook wel als bewaker of ‘deur’ van de toegang tot de hemel beschouwd: de ‘clusius patulcius’, dat wil zeggen:
- ‘Hij die sluit en opent’ (een valse zinspeling op Jezus Christus). ‘Dit zegt de Heilige en Waarachtige, die de sleutel van David heeft, die opent en niemand zal sluiten, en Hij sluit en niemand zal openen’ (Op.3:7).
Een kind leert daar ‘open’ te staan voor ALLES, maar komt thuis met een geestelijk Janushoofd!







