Hebben de sterren zeggenschap over ons leven?

Astrologie is ‘in’. Dat is bekend. Maar wat velen ontgaat, is het feit dat er ook steeds meer ‘christenen’ komen die de waarde van astrologie gaan erkennen. Zo kon men bijvoorbeeld geregeld in een astrologisch maandblad artikelen aantreffen die met Bijbelteksten doorspekt zijn. Nee, men is helemaal niet tegen het christelijk geloof en doet zijn uiterste best om te bewijzen dat God achter de door hen gepropageerde ideeën staat. En op het eerste gezicht klinkt het nog erg aannemelijk ook.

De ‘taal’ van de sterren

Hoe ver mensen de plank mis kunnen slaan, werd ons weer eens duidelijk toen wij eens een magazine in handen kregen van de ‘Children of God’. Daar lezen wij het volgende:

  • ‘Ik kan je uit de Bijbel bewijzen, dat God de sterren en de planeten gemaakt heeft om ons leven en op zijn minst onze persoonlijkheid, zo niet feitelijke gebeurtenissen te controleren en te beïnvloeden! Je kunt vrij goed bepalen, hoe iemand zal zijn, aan de hand van de maand waarin hij geboren is, of je het nu gelooft of niet’.
  • De schrijver, Mozes David, of eigenlijk: David Berg, de leider van deze beweging, zegt iets verder in hetzelfde artikel: ‘En wist je dat de sterren uit hun loopplaatsen streden tegen Sisera?’ (Richt.5:20). Ook haalt hij de uitspraak van Openbaring 22:16 aan, waar Jezus zichzelf ‘de blinkende morgenster’ noemt. En dus (!) is het raadzaam acht te geven op de taal van de sterren. Mozes David beweert verder: ‘Van één ding ben ik overtuigd: ze beïnvloeden beslist het karakter en de persoonlijkheidskenmerken van degenen, die op bepaalde data geboren zijn’.
  • Het betreffende artikel eindigt met de ontboezeming: ‘Als je wilt weten, waarom we zo’n fenomenale vooruitgang maken in onze huidige wereldomvattende Revolutie van de Geest, denk er dan aan, dat dit het tijdperk van de Waterman is en van Watermannen zoals ik – het tijdperk, waarvoor we goddelijk voorbestemd waren om onze opdracht voor God en Gods kinderen te vervullen! Je kunt het niet ontkennen!’

Zo, dat was het dan. ‘Children of God’ noemen ze zich, kinderen van God. Jonge mensen die niets van God wilden weten, die wegzonken in een poel van zonde en nood. Nu hebben ze zich bekeerd en zijn een ander leven gaan leiden. Ze verslinden de Bijbel en is dat niet iets geweldigs? Dit zou het zeker zijn als de verworven kennis bij hen parallel liep met een juist inzicht. En dat zit goed scheef bij de meesten van hen. 

Beeldspraak

Het is niets nieuws, wanneer wij voorop stellen dat de sterren de mens in natuurlijk opzicht ten dienste staan. Vandaar dat de astronomie (sterrenkunde, niet te verwarren met astrologie) niet alleen een boeiende wetenschap is, maar ook van groot nut is voor de mensheid. Scheepvaart, luchtvaart en ruimtevaart maken dan ook dankbaar gebruik van de verworven kennis van het heelal. Steeds opnieuw merkt men dat God een God van orde en van uiterste precisie is. Heel dat hemelse raderwerk heeft al de eeuwen door nog nooit gefaald. Wat een gedachte: onze God faalt nooit en te nimmer!

Wij richten nu onze aandacht op de al genoemde tekst uit Richteren 5, waar (in het loflied van Debora en Barak) wordt gezegd:

  • ‘De sterren aan de hemel streden mee tegen de vijand, zij hadden in hun baan zich tegen Sisera gekeerd’.

Zou dit nu een bewijs moeten zijn dat sterren invloed uitoefenen op de levensloop van de mens? De sterren zouden hier dus gestreden hebben tegen Sisera en zijn leger? Dit klopt gewoon niet. Wat dan wel? De sleutel is een hoofdstuk ervoor te vinden, waar in vers 14 staat:

  • ‘Vooruit! Vandaag levert de Heer Sisera aan u uit. Hij zal voor u uit gaan.’

Het was dus de Heer die de overwinning gaf. En als Hij daarbij geholpen is, zal het ongetwijfeld door een leger van heilige engelen geweest zijn. ‘Maar, engelen zijn toch geen sterren?’, vraagt iemand misschien. Nee, maar ze worden soms wel zo genoemd in de Bijbel. Gods Woord is trouwens vol van dergelijke beeldspraak, een feit wat men vaak over het hoofd ziet en zo komt men tot de meest bizarre uitspraken. Ook de kinderen van God worden in de Bijbel ‘sterren’ genoemd en Jezus Christus is daarvan de grootste.

In het slot van Daniël wordt van deze kinderen van God gezegd:

  • ‘De verlichten zullen stralen als het fonkelende hemelgewelf, en degenen die velen tot gerechtigheid hebben gebracht als de sterren, voor eeuwig en altijd’ (Dan.12:3).
  • Ook de apostel Paulus maakt gebruik van deze beeldspraak als hij schrijft: ‘Doe alles zonder morren of tegenspreken, zodat u onberispelijk en onschuldig bent, onbesproken kinderen van God, te midden van een slinks en ontaard geslacht, waarin u schittert als sterren in het heelal’ (Fil.2:14,15).

In Openbaring 1 worden ‘sterren’ genoemd als beeld van engelen (zeven sterren: de engelen van de zeven gemeenten). In Openbaring 8:10 vinden we weer een benaming van een (gevallen en zeer verbitterde), zoon van God: ‘Er viel een grote ster, brandend als een fakkel, uit de hemel en de naam van de ster wordt genoemd ‘Alsem’ (bitter). Uit de context blijkt duidelijk dat we hier te maken hebben met een grote gevallen zoon van God, dè antichrist zelf. Deze heeft eerst van de goede gaven genoten en is daarna afgevallen: ‘Want het is onmogelijk om hen die eens verlicht zijn geweest, die de hemelse gave geproefd hebben en deelgenoot zijn geworden van de Heilige Geest, en die het goede Woord van God geproefd hebben en de krachten van de komende wereld, en die daarna afvallig worden, weer opnieuw tot bekering te brengen, omdat zij voor zichzelf de Zoon van God opnieuw kruisigen en openlijk te schande maken’ (Hebr.6:4-6). Ook Openbaring 9:1 heeft het over deze ster (de antichrist), die vanuit zijn hoge positie in de hemel, teruggevallen is op de aarde, en aan hem werd de sleutel gegeven van de afgrond om deze te openen. Ook hier is het opnieuw een beeld van dè gevallen zoon van God en dè zoon van het verderf, die op aarde zijn gemeente klaar maakt voor de slag bij Armageddon tegen Jezus Christus en Zijn gemeente.

Het sluwe spel van satan

Het is dwaas om bij zulke Bijbelteksten het natuurlijke beeld van een ster in gedachten te houden. Men mist dan de betekenis en komt op een dwaalweg terecht. God heeft de sterren geschapen als lichten van de nacht, zegt de Bijbel (Jer.31:35). Sterren zijn geen geestelijke wezens, maar zij maken deel uit van de onbezielde schepping en kunnen zelf geen enkele geestelijke invloed uitoefenen op het leven van de mens.

De ster van Bethlehem is bij de astrologie-fans een geliefd middel om anderen te overtuigen. Het staat er dan toch maar: ‘Nadat ze geluisterd hadden naar wat de koning hun opdroeg, gingen ze op weg, en nu ging de ster die ze hadden zien opgaan voor hen uit, totdat hij stil bleef staan boven de plaats waar het kind was’ (Matth.2:9). De duivel speelde in op de verlangens van een aardsgericht volk en doet dit nog steeds met de gedachte dat Jezus Koning van het natuurlijke volk van de Joden zou zijn.

Deze dwaling begon al met de voorspelling van de valse profeet Bileam, die te Pethor woonde gelegen aan de Eufraat in Mesopotamië, dus later in het kortstondige rijk van de koningen van Babel. Deze ziener werd door Balak uitgenodigd om Israël te vervloeken. Hij beroemde zich erop dat hij de woorden van God hoorde en gezichten zag, omdat zijn ogen in de onzienlijke wereld functioneerden. Deze Bileam zag een ster opgaan in Jakob en een scepter zich verheffen uit Israël. Hij profeteerde dat bij Israël een gejubel zou zijn over de Koning (Num.24:16,17; 23:21).

Bileam was een magiër en later zien de ‘magiërs’ uit het Oosten deze ster. Ze verbinden haar aan de geboorte van de voorspelde Koning van de Joden. Het zijn ook sterrenwichelaars uit het land van de Chaldeeën die te Jeruzalem vragen: ‘Waar is de Koning van de Joden, die geboren is? Want wij hebben zijn ster in het Oosten gezien en wij zijn gekomen om Hem hulde te bewijzen’ (Matth.2:2).

Vanuit hun occulte kennis vermengen zij waarheid en leugen. Deze magiërs hebben verder door hun komst geen redding verspreid, maar niets dan ellende bewerkt. Hun bedoelingen waren goed, maar toch werden zij de oorzaak dat Jozef en Maria met hun kind moesten vluchten en dat te Bethlehem vele onschuldige kinderen werden vermoord. Nadat Jezus later een menigte van alleen al vijfduizend mannen gevoed had, wilde men Hem met geweld meenemen om Hem tot een aards koning uit te roepen. Jezus onttrok zich echter aan de mensen en ging weer in de stilte, waar Hij bij uitstek gemeenschap kon hebben met zijn Vader (Joh.6:15).

Veel astrologie-fans doen het de magiërs nu nog na. Alleen komen zij niet in Bethlehem terecht, noch bij Jezus Christus zelf! Zulke mensen beseffen niet dat God in staat is om heel de schepping naar zijn hand te zetten; Hij is de Almachtige. Een kale steenrots brengt plotseling een stroom van water voort, bitter water (in Mara) wordt op slag tot zoet water, wanneer God dat wil. Hij doet een ezel spreken (bij Bileam) en doet een vijgenboom verdorren (door een machtswoord van Jezus) en ga zo maar door. Dat zulke wendingen in de loop van de natuur plaatsvinden, mag ons echter niet de vrijheid geven daar een axioma van te maken.

Velen maken bij hun uitleg van de Bijbel de grote fout, dat zij alles wat er geschreven staat, letterlijk interpreteren. De Bijbel is echter een geestelijk boek, dat geestelijk verstaan moet worden. Dus: als er over ‘sterren’ gesproken wordt in Gods Woord, zal uit het zinsverband opgemaakt moeten worden of er sprake is van hemellichamen in natuurlijke zin of dat er een geestelijk beeld mee bedoeld wordt van mensen of engelen.

De verkeerde weg

Wie met de Bijbel in de hand de astrologie probeert te verdedigen, doet er goed aan eens teksten te nemen, die niet voor tweeërlei uitleg vatbaar zijn. Jesaja 47:13-15 is in dit opzicht erg duidelijk:

  • ‘Wat heb je je afgetobd met talloze raadgevers! Laten zij die naar de sterren staren, die de hemel kunnen uitleggen, die je per maand laten weten wat je overkomen zal, laten zij nu aantreden, laten zij je redden! Ze worden als kaf, het vuur zal hen verteren, ze zijn niet meer te redden uit de macht van de vlammen. En dat zal geen vuur zijn om brood op te bakken, geen gloed om je aan te warmen. Zoveel hebben ze jou dus te bieden, zij voor wie je je hebt afgemat, met wie je van jongs af aan handeldreef: ieder van hen zwerft een eigen kant uit en er is niemand die jou redt’.
  • ‘En als u omhoog kijkt en de zon, de maan en de sterren ziet, al die lichten aan de hemel, laat u er dan niet toe verleiden daarvoor neer te knielen en te vereren wat de Heer, uw God, voor de andere volken op aarde heeft bestemd’ (Deut.4:19).

God wilde toen en wil ook nu, dat zijn volk Hém alleen dient en zich slechts door zijn Geest laat leiden. Wanneer de ‘Children of God’ deze woorden nu eens op zich lieten inwerken, zou het gauw gedaan zijn met de ‘profetieën’ waarmee hun leider hen nu bezig houdt en die van het volgende gehalte zijn:

  • ‘Ik ben de Waterman, ik ben de Waterdrager, de Waterdrager, waarvan alle anderen slechts voorbeelden waren. Ik ben de Waterman, dit is mijn tijdperk! Ik ben de Waterdrager. Jezus heeft me dat verteld, want ik breng het Water des Levens aan dit geslacht.’

Het tijdperk van de Waterman, van Aquarius! We hebben dat al meer gehoord; de oude veelbesproken musical ‘Hair’ verkondigde dat ook al. Het Aquarius-tijdperk! Ja, die musical was godslasterlijk, maar nu wordt het op een ‘betere’ manier verkondigd. Nu gaat het met een vrome saus erover, dan lijkt het immers heel wat aannemelijker. Op beide manieren kom je op dezelfde weg terecht, de weg waar satan de mens op wil hebben. Blind voor de werkelijkheid, vervreemd van het waarachtige geestelijke leven, geen inzicht in de onzienlijke wereld. De duivel mag de mens dan bezighouden met hemellichamen, de vensters van de hemel houdt hij angstvallig gesloten. Geen pottenkijkers alsjeblieft. Het wordt wel thuisbezorgd, het ‘geestelijk’ leven!

Een valstrik

Degene, die in deze eindtijd geen inzicht heeft in de omleidingen van de tegenpartij, trapt vroeg of laat in de goddeloze of ‘vrome’ strik, die net zo goed van God afvoert. Met de Bijbel in de hand kun je nog aan de duistere kant terecht komen. ‘Mijn volk gaat verloren door gebrek aan kennis’ lezen wij in Gods Woord. En hier wordt niet alleen gebrek aan Bijbelkennis mee bedoeld. Kijk maar naar de ‘Children of God’, die uren per dag aan Bijbelstudie besteden. Zelfs prediken zij de doop met Heilige Geest en maken zij melding van vele bekeringen. Dan moet het toch allemaal wel goed zijn, of niet?

Duizend-en-een pijlen heeft de satan op zijn boog. Een ervan heet ‘de sterren’ en velen komen erdoor tot afgoderij, zij worden een overspelig geslacht dat de schepping boven de Schepper vereert. Over verering gesproken: de profetie van genoemde Mozes David, waarvan wij hier een deel citeerden, eindigt als volgt: ‘Kust zijn sterren!’ Ons komt een andere uitspraak voor de geest: ‘Onderzoek de profetieën of ze uit God zijn’. En dan blijkt er heel wat kaf onder het koren te zijn.

Alleenheerschappij

Wij dienen ons maar op één ‘ster’ te richten: Jezus, de blinkende morgenster, zoals Hij zichzelf in Openbaring 22 noemt. Hij, de meest verhevene, mag deze titel met eer dragen. Nu zullen wij echter ons niet laten verleiden om heel de sterrenwereld tot richtsnoer voor ons leven te maken. De Waterman, het sterrenbeeld dat deze naam draagt, heeft ons geestelijk niets, maar dan ook niets te zeggen. God is een heilig God; Hij wil niet dat wij de schepping ‘raadplegen’, maar wil zelf als de Schepper van heel de kosmos alleenheerschappij hebben. En die komt Hem toe!