De invloed van één enkel leven

Miljoenen mensen zijn dood gegaan, vernietigd door de razernij van oorlogsverschrikkingen. Enkelen overleefden. Miljoenen werden beroofd van huis en haard. Sommigen hielden een dak boven hun hoofd en hadden iets te eten. Miljoenen lijden honger. Over de hele aarde is er tegenover ieder mens die zich kan voeden, drie die hongerig zijn. Sommigen zijn gevoed, ja zelfs behoorlijk gevoed.

De overvloed die God op aarde schonk, had elk mens een veilig bestaan – gezondheid – voedsel – kleding – comfort – levensvreugde kunnen garanderen. In plaats daarvan werd die overvloed misbruikt en aangewend tot vernietiging daarvan en het resultaat is vandaag: ziekte, ellende en armoede. Dit alles als gevolg van het feit, dat de wereld leeft en handelt vanuit één enkele drijfveer: het eigenbelang, geïnspireerd door satan en zijn demonen. Ieder mensenleven wordt in zijn diepste wezen getest of het een zegen is voor anderen of dat het beheerst wordt door de vraag: ‘ben ik mijn broeders hoeder?’

  • Eén leven is er geleefd dat het antwoord is geweest voor allen! Gemeten met de gewone maten van wereldse grootheid zou het een mislukking moeten heten. Het omvatte maar een klein aantal jaren in zo’n ver verwijderd klein en onbetekenend land.

Gelegd in een voerbak

Hij werd geboren in een dorpsstal. Geen geboorte kon onaanzienlijker zijn, daarom hoeft niemand wanhopig te zijn, als hij van lage afkomst is. Hij groeide op in een timmermansgezin en bleef tot zijn dertigste jaar dit vak beoefenen, ondanks Zijn Goddelijke oorsprong en roeping. Hij had geen vrouw of kinderen en kent de diepste nood van ieder eenzaam hart. Drie jaar ging Hij rond, Hij deed goed en hielp de gebonden mensen.

Hij leerde hen de onzienlijke wereld kennen

Hij was nooit meer dan slechts enkele kilometers verwijderd van zijn geboorteplaats. Hij bekleedde geen aardse rang of betrekking, schreef geen boek, dichtte geen lied, schiep geen kunstwerk en bouwde geen monument. Hij weigerde mee te doen met de naamchristenen om de nieuwste farizeeën te paaien en hield zich verre van hysterische feelgood-acties. Hij moraliseerde ook niet mee op andermans kosten, vulde geen eigen zakken en streefde niet naar een Utopia vol bonussen en wachtgelden.

Verraden voor dertig zilverlingen

Zijn geboorteland werd beheerst door veroveraars en vreemde legioenen. Terwijl Hij nog in de bloei van Zijn jeugd was, keerde Zijn eigen volk zich tegen Hem. Deze Man, die het goede nog goed noemde, het kwade kwaad en dit niet omdraaide zoals vandaag massaal gebeurt, werd botweg afgewezen door Zijn eigen vrienden. Door verreweg de meesten die Zijn boodschap hoorden, werd Hij verlaten en door een vriend, voor dertig zilverlingen verraden. In een duister uur knielde Hij eenzaam neer in de hof van Gethsémané. Het uur van beslissing.

De gang naar Golgotha

Hij gaf Zichzelf over aan Zijn vijanden, werd gevonnist en veroordeeld te midden van spot, spuw en hoon en werd geslagen aan het hout van de schande, tussen twee misdadigers. Hij stierf, biddend om vergeving voor Zijn vervolgers, terwijl Zijn beulen dobbelden om Zijn enig aards bezit – Zijn mantel. Hij werd begraven in een geleend graf.

De graflegging van Christus

Tweeduizend jaren zijn voorbijgegaan en er is niemand die zo heeft geregeerd of gewerkt of gediend, die zo het menselijk hart heeft aangeraakt en ontroerd. Hij is het ideaal – het voorbeeld – dat de nederigen en zachtmoedigen van de aarde heeft gegrepen en getrokken. Door dit Ene leven is de huidige wereld, ondanks haar tegenstand, toch doortrokken van Zijn invloed. Hij, de Eenzame, is de Vriend geworden van miljoenen. Hij, de Dakloze, vond een woning in mensenharten. Zijn evangelie is tot de uiterste hoeken van de aarde verspreid en gepredikt. Over de hele aarde stijgt een stroom van gebeden en lofprijzingen op tot de hemelen en verheerlijkt Zijn Naam. Bijbels, schilderijen en monumenten verkondigen Zijn invloed. Aan geleerden, ongeletterden en zij die niets hebben.

  • ‘Ik ben de opstanding en het leven; wie in Mij gelooft zal leven ook al is hij gestorven en een ieder die leeft en in Mij gelooft zal in eeuwigheid niet sterven’ (Johannes 11:25). 
  • ‘En Hij had zeven sterren in Zijn rechterhand en uit Zijn mond kwam een tweesnijdend scherp zwaard; en Zijn gezicht was zoals de zon schijnt in haar kracht. En toen ik Hem zag, viel ik als dood aan Zijn voeten en Hij legde Zijn rechterhand op mij en zei tegen mij: Wees niet bang, Ik ben de Eerste en de Laatste en de Levende en Ik ben dood geweest en zie, Ik ben levend tot in alle eeuwigheid. Amen. En Ik heb de sleutels van het rijk van de dood en van Dood zelf’ (Openbaring 1:16-18).