Waarom is er zoveel ellende in deze wereld?

‘God is goed’ zegt Jezus. ‘God is liefde’ schrijft een volgeling. En dan volgt meestal de beruchte vraag: ‘Waarom is er dan zoveel ellende in de wereld?’ In de boeken en verhalen van het Oude Testament staan veel gedachten die uitgaan van het idee dat goede en kwade dingen allemaal uit Gods hand komen. En dat belijdt men nu nog steeds! De mens heeft dan alles wat hem overkomt voor lief te nemen.

  • “Het zal wel ergens goed voor zijn,’ is vaker de verzuchting. Alle ellende is dan ‘een middel in Gods hand’ om je met allerlei stokslagen op het rechte pad te houden (Zondag 10; de sacramenten). Hij zou je onder zware druk zetten om je te beproeven en te testen. En als de mens daaronder bezwijkt? Nou, dat is dan jammer, hij heeft de proef niet doorstaan….”

Job en zijn ‘vrienden’

En wat te denken van Job? Zouden God en Satan het op een akkoordje hebben gegooid om Job te grazen te nemen ten koste van gezinsleden? Daarbij ook nog bedenkend dat er heel veel naamchristenen zijn die denken, wanneer hen iets ellendigs overkomt:

  • “Wat kan de bedoeling van God hiermee zijn..?”

Het beeld dat van God de Vader hiermee geschapen wordt, deugt niet. Je zal zo’n vader hebben die zó grillig z’n kinderen opvoedt, dat die niet weten wat ze aan hem hebben. Dat beeld is heidens, want zo’n god moet op z’n wenken bediend worden en tevreden worden gesteld. Hij mocht eens in toorn ontsteken. ‘De ouden (Oud-denkenden) zeggen dit, maar Ik zeg jullie,’ schrijft Mattheüs over Jezus.

‘God is licht en in Hem is er geen spoor van duisternis’

Vernieuwen in denken begint in je geest. Anders over God praten – (en mét Hem méé denken) is bevrijdend als je de prachtige uitspraak van Johannes leest dat God licht is en dat er in Hem geheel geen duisternis is. Als er geen duisternis is in Hem kan er ook geen duisternis uitkomen. De vader van deze duisternis is de satan. Hij heeft zoveel leugens over God en mens bedacht dat er massa’s godsdiensten uit ontstaan zijn. Hij heeft het beeld van God zó vertekend, vaak met de Bijbel in de hand, dat toen het werkelijke beeld van Hem, Jezus, in vlees en bloed verschenen, deze door de godsdienstige wereld niet werd geaccepteerd. Die mens klopte niet met de voorstelling die men van God had en dus moest Hij ‘weggezuiverd’ worden. De grote regisseur van dit drama, de tegenstander van God, bleef achter de religieuze schermen.

De goed gecamoufleerde satan

Wat is het denken over God als onberekenbare despoot, diep geworteld bij veel mensen en wat heeft dit denken al een ravage aangericht in ‘mensen van goede wil’. Wanneer Jezus zegt dat Hij ‘gewoon en zachtmoedig’ is en ergens anders: ‘Wie Mij ziet, ziet de Vader’, kom je tot de ontroerende ontdekking dat God dat ook is. Dat Hij niet een groot raadsel is die een religieus systeem heeft bedacht waar de mensen maar in geperst moesten worden waardoor de kostbaarheid van mens op maat gezaagd moest worden.

God is iemand die zich graag aan mensen verbindt, aan de zachtmoedigen en gekwetsten en deze mens weer z’n identiteit teruggeeft. Voor Zijn uitgestoken hand hoef je nooit meer bang te zijn, nooit meer. Zijn verlangen naar jou is onuitroeibaar want het is geworteld in liefde.

En jij bent het antwoord op Zijn vraag: ‘Blijf je bij Mij?’