De kerk is niet te bekeren

Graag willen mijn vrouw en ik ingaan op het verzoek om te getuigen van het fijne leven, dat wij ontvangen hebben door het geloof in Jezus Christus en door het aanvaarden van de boodschap van het Koninkrijk van de hemelen. Wat mijzelf betreft, kan ik zeggen dat ik nooit helemaal ongelovig ben geweest. Per slot van rekening had ik een goede gereformeerde opvoeding gehad, hoewel dat op zich, geen ander mens van mij kon maken.

Toen ik een jaar of zestien was deed ik al flink mee met de dingen van de wereld, maar dit was eigenlijk heel gewoon. Op de gereformeerde jeugdvereniging was het zaterdagsavonds dansen en meer van dat vermaak. In die tijd was ik helemaal verslingerd aan de popmuziek. De muren van mijn slaapkamer waren volgeplakt met posters van allerlei popgroepen en dj’s. Er was haast geen stukje van het behang meer zichtbaar; alles hing vol. Dat was nu eenmaal mijn leefwereld en daar moest ik blijk van geven. Een diep zondig leven was het niet, maar toch leefde ik niet in harmonie met God. Diep in mijn hart was er wel een hunkering naar een ander, blijer en reiner leven. Maar ik wist niet waar ik dit moest vinden.

En nu de humor van God: Hij gebruikte een jongen uit mijn klas om mijn ogen te openen, uitgerekend een vent die ik vervelend vond en aan wie ik me altijd zat te ergeren. God dacht er echter anders over en ontfermde Zich over hem, door Zich aan hem te openbaren. Kort nadat zijn broers tot bekering waren gekomen, boog ook deze jongen de knieën voor Jezus Christus. En daar ging hij van getuigen, ook op school. Met verbazing hoorde ik wat hij allemaal te vertellen had. Vrijmoedig sprak hij over bekering, genezing en zelfs over bevrijding van gebondenheden. Dat waren dingen die mij onbekend waren en ik dronk dan ook zijn woorden in.

De honger naar vrede en echte blijdschap kwam weer volop naar boven bij mij. ‘s Avonds op mijn kamer zag ik het duidelijk: ook ik moest mij bekeren; de Verlosser had al zo lang op mij gewacht. Ik knielde neer, beleed mijn zonden en vroeg de Heer of Hij in mijn hart wilde komen wonen. Hoewel ik Hem niet met mijn ogen kon zien, ervaarde ik heel reëel zijn aanwezigheid. Er kwam een enorme blijdschap in me; ik wist het zeker dat ik nu een kind van God, een rechtvaardige, was geworden en nu een ander leven kon gaan beginnen. Zeventien jaar was ik, toen deze beslissing viel en ik zekerheid kreeg van mijn eeuwig behoud. Deze zekerheid is nooit meer weggeweest.

De volgende dag vertelde ik het aan die bewuste jongen, die nu opeens mijn ‘wapenbroeder’ was geworden. Wat hebben we de daarop volgende tijd veel gesprekken samen gehad. Tot ongenoegen van de leraren, die merkten dat onze interesse voor de lessen danig gedaald was; we hadden belangrijker dingen aan het hoofd.

Omdat ik wist dat mijn ouders er niet gelukkig mee zouden zijn, vertelde ik aanvankelijk niet wat er met mij gebeurd was. Maar ze merkten wel aan mij dat ik anders geworden was. Sindsdien kwam ik ook regelmatig op deze site terecht. Fijne dingen las ik daarin, o.a. over de doop met Gods Geest. Ook las ik ‘De enige Bijbelse doop’ en daar sprak ik dan weer over met mensen die daar meer ervaring mee hadden dan ik. Nog geen maand na mijn bekering wist ik het heel zeker: dat was ook voor mij. Vrijmoedig bad ik de Heer om ook mij te dopen in Heilige Geest. En het gebeurde: de Heer had ook mij vervuld met Gods Geest. Erg blij werd ik daardoor.

Steeds meer begon ik te lezen en niet te vergeten: in de Bijbel zelf. Al las ik dan veel van deze artikelen, toch bleef ik naar onze eigen kerk gaan, al bevredigde het me daar niet meer. Geregeld las ik over bevrijding en ik kreeg in de gaten dat ook ik dat in bepaald opzicht nog nodig had. Zo had ik me al heel wat keren voorgenomen om te stoppen met roken, maar het lukte nooit definitief. Ik zat eraan vast en moest dus bevrijd worden. Op een avond was ik hier erg sterk mee bezig en besloot ik om na mijn huiswerk naar een medegelovige te gaan, om hierover met hem te praten. Toen ik aanbelde bij hem, bleek dat hij door de Heer al geattendeerd was op mijn komst. Veel hoefde ik dus niet te zeggen. ‘We gaan er meteen voor bidden en die rookdemonen uitdrijven’, zei hij. En dat gebeurde; hij legde mij de handen op en verdreef in Jezus’ naam de boze geesten die mij gebonden hielden aan de nicotine. Na deze bediening vroeg ik: ‘Is dat ‘t nou?’ Een bijzondere ervaring had ik eigenlijk verwacht, maar niets van dit alles. Toch zou blijken dat de Heer mij krachtig had aangeraakt, want sinds die avond heb ik helemaal niet meer gerookt. Ik heb er zelfs geen enkele moeite meer mee gehad.

Zo ben ik gaandeweg losgekomen van meer dingen die niet bij een kind van God horen. Bij Jezus is verlossing en bevrijding te vinden; Hij wil ons in vrijheid doen leven. Een tijd later mocht ik dit ervaren op een heel ander terrein. Doordat ik nogal veel gelezen had over vliegende schotels (Ufo’s) met daarin levende wezens die de aarde bezochten, had ik een enorm angstcomplex gekregen. Ik werd als het ware overrompeld door boze geesten, die mij steeds meer begonnen te knechten. Op den duur durfde ik ‘s avonds niet eens meer naar de lucht te kijken, bang als ik was daar een UFO te zien aankomen.

Eigenlijk was dit een aanslag op mijn geloof, want als het waar was dat er op andere planeten levende wezens voorkomen, zou de Bijbel niet waar zijn. En dan zou heel mijn geloofswereld instorten. Dit alles legde een beklemming op mij en daardoor werd mijn innerlijke vreugde weggenomen. Op een keer kwam iemand van de gemeente waar ik Gods Geest ontving, bij ons spreken. Het ging die avond voornamelijk over geloofsgenezing. Na afloop ging ik naar de spreker toe en vertelde hem over mijn probleem. Hij vroeg of hij hiervoor mocht bidden met mij, wat ik natuurlijk graag wilde. In de naam van Jezus, de grote Overwinnaar, leken deze angst verwekkende geesten verdreven. Een hele last leek van mij afgevallen.

Gaandeweg begon ik actiever te worden in het evangelisatiewerk. Met meerdere jongeren uit de gereformeerde jeugdvereniging, die ook tot bekering waren gekomen, gingen wij een Bijbelstudiegroep vormen. Daar kwamen ook nog andere mensen bij, onder andere pinkstergelovigen. Trouwens ook verschillende van deze gereformeerde jongelui hadden de doop mrt Gods Geest ervaren en zagen als taak de opwekking in de kerk te brengen. Toch zou dit een onbereikbaar ideaal blijken te zijn.

Intussen was ik verloofd geraakt met Ineke, die ik kende van de jeugdvereniging. Ook zij wilde de Heer dienen en is gaandeweg verder op de weg van de redding gekomen. Zoals zoveel anderen gedaan hebben, begonnen ook wij verder te zoeken en bezochten wij verschillende samenkomsten. Drie jaar lang hebben we met die jongerengroep in de kerk ons best gedaan voor de zaak van de Heer, maar toen werd het duidelijk dat we moesten uittrekken.

We kwamen terecht bij een pinkstergemeente, die de Jesus Only-leer aanhing. Doordat we dachten dat de Heer ons hier naartoe had geleid, accepteerden we die leer dan ook maar. In het begin was het allemaal liefde wat ons toestroomde; het was er erg fijn. Met veel anderen lieten we ons daar volwassen dopen, iets wat we al die jaren in de kerk niet hadden kunnen praktiseren doordat de dominee daar niet aan wilde; volgens hem hoorden wij al via geboorte en nageslacht bij het verbond met Abraham.

In deze gemeente konden we ons volop in het evangelisatiewerk storten; er was iedere dag wel wat te doen. Zaterdagsavonds werkten we onder andere onder de verslaafden, van wie er ook in Rotterdam heel wat bleken te zijn. Dit was erg moeizaam werk, waarin we de macht van satan meer dan ooit leerden kennen. Mede daardoor merkten we op den duur dat wij met de boodschap zoals die ons gebracht werd aan het plafond kwamen te zitten. De inhoud van de boodschap was meer gericht op het doden van het eigen ik, dan op een overwinningsleven door Gods Geest. Bovendien werd sterk het apostelschap benadrukt, waardoor één mens eigenlijk teveel zeggenschap kreeg in het leven van andere mensen.

Een flinke groep kwam uiteindelijk tot de ontdekking dat het zo niet langer kon en dus trokken wij met elkaar uit deze gemeente, na eerst vreedzaam afscheid genomen te hebben. Zo begonnen we met deze groep eigen samenkomsten te houden, onder leiding van een mede uitgetreden oudste, die vooral door het lezen van artikelen op deze site tot helderder inzichten was gekomen. Het evangelie van Jezus Christus had meer te bieden en dat meerdere wilden we met elkaar ervaren en uitdragen naar anderen.

Na mijn technische opleiding te hebben afgemaakt, kreeg ik een betrekking bij een scheepswerf. Mijn interesse lag echter op een ander vlak en zo kwam ik na verloop van tijd in aanraking met het maatschappelijk werk en omdat ik mij interesseerde voor mensen, besloot ik mij in deze richting te gaan bekwamen. Zodoende ging ik de Hbo-opleiding maatschappelijk werk volgen en heb de opleiding daar voltooid. Daarna begon ik als maatschappelijk werker in de kinderbescherming. Wat maak je dan veel mee, wat zie je dan hoe de duivel vele levens in zijn greep heeft en wat wil je dan graag de mens helpen. Toch mocht ik alleen maar de natuurlijke middelen aandragen zoals mij dit geleerd was. Eens temeer heb ik gezien hoe alleen door een innerlijke vernieuwing mensenlevens en relaties kunnen worden hersteld.

Een paar jaar geleden verhuisden mijn vrouw en ik doordat ik als maatschappelijk werker ergens anders aan de slag ging. Zo kwamen wij terecht in een gemeente, waar het eeuwig evangelie gebracht werd, waar wij ons meteen thuis voelden. Na enige tijd zaten we al weer volop in het gemeentewerk, onder andere in de leiding van de jeugd. Wij zijn met ons leven sterk op de gemeente gericht, waarbij we duidelijk het evangelie praktisch beleven. Wij krijgen net als veel anderen met ons zicht op de werkingen vanuit de onzienlijke wereld en leren steeds meer om daar overwinningen te behalen in de kracht van Gods Geest.

Een gevolg van deze ontwikkelingsgang is geweest dat het in mijn dagelijks werk voor mij steeds moeilijker werd om te denken en te spreken langs heel andere lijnen dan ik in mijn persoonlijk geloofsleven had leren kennen en waarderen. Een jaar geleden nam ik dan ook de beslissing: ik ga niet verder met dat maatschappelijk werk. Voortaan ging ik mij meer verdiepen in Bijbels onderwijs en ging ik een studie volgen voor godsdienstonderwijs. Nu ben ik dan ook werkzaam als leraar maatschappijleer en godsdienst in het voortgezet onderwijs.

Wanneer ik mijn gedachten zo eens over de afgelopen jaren laat gaan, zie ik hoe de Heer al die jaren bezig is geweest om mij op een hoger plan te brengen Niet zozeer in het natuurlijke leven, maar in het geestelijke. Die bekering destijds was fijn, de doop met Gods Geest een haast nog heerlijker ervaring en toen ik me in water liet dopen wist ik dat hiermee een belangrijk stuk van het geloofsfundament rond was. Al die activiteiten, vooral in de begintijd, zoals jeugdwerk en straatevangelisatie, waardoor ook mensen tot bekering kwamen, gaven een heerlijke voldoening.

Toch ontbrak het veel jaren nog aan werkelijk inzicht in de achtergronden van veel problemen waar anderen – en soms ook nog ikzelf – mee zaten. Door de boodschap van het Koninkrijk van de hemelen leerden we zien dat er een geestelijke wereld is van waaruit ons leven gedirigeerd wordt, ten goede of ten kwade. We begonnen de ware achtergronden te zien van allerlei situaties in het dagelijkse leven en leerden ons daarin geestelijk op te stellen. We hebben bijvoorbeeld geleerd aan geen enkel mens meer een hekel te hebben en kunnen nu veel verdragen, doordat wij de mens scheiden van de demonen die er achter zitten.

Dit onderscheid heb je allereerst al nodig in je eigen gezinsleven. Dat was een paar dagen geleden nog het geval. Onze kleine meid werd huilend uit bed gehaald door mijn vrouw. Ze bleef maar huilen zonder dat er eigenlijk iets aan de hand was. Vroeger zou Ineke in zo’n situatie driftig zijn geworden, maar nu ging het heel anders. Zij kreeg in de gaten dat een bepaalde boze geest het kind bang maakte en bestrafte deze in de Naam van Jezus, onze Heer. Een paar snikken nog van de kleine meid en toen was het over; even later zat ze fijn te spelen. Een klein voorvalletje misschien, maar wel tekenend voor het leven zoals wij dit nu leiden. De duivel krijgt nu steeds minder kans om ons te pakken te nemen; we onderkennen zijn listen en aanslagen en proclameren de overwinningskracht van Jezus. Een belangrijk deel van de volle boodschap is dat je innerlijk volkomen gaat herstellen; je wordt een mens die goed en gaaf is; zo heeft God het bedoeld. Dat is het mooie van de boodschap die wij horen en die we ook zelf brengen: het blijft niet bij vrome theorieën, het werkt in de praktijk. Nog niet ten volle, maar we gaan steeds verder vooruit.

  • ‘Zo groeien wij, ons aan de waarheid houdende, in liefde in elk opzicht naar Hem toe, die het hoofd is, Christus’ (Efeze 4:15).