Onze roeping

  • ‘Zilver en goud bezit ik niet, maar wat ik heb geef ik u; in de naam van Jezus Christus, de Nazoreeër: Wandel!’ (Handelingen 3:6)

In het Koninkrijk van God gaat het niet in de eerste plaats om wat de mens doet, maar om wat hij in werkelijkheid IS. Het duurt soms heel lang voordat men zich van deze waarheid bewust wordt en hieruit gaat leven. Het kan wel tientallen jaren duren voordat het (door God) ingeschapen geweten gaat spreken en de mens zich vragen gaat stellen zoals:

  • “Als God niet bestaat kan ik toch zelf ook god zijn? Wie beoordeeld mij? Mijn grootouders of schoonfamilie? Wie maakt uit wat goed en kwaad is? Een aardse rechter zonder God? Als alle idiote en satanische overheden bij elkaar opgeteld worden blijft er één grote puinhoop achter. Moet ik mij daar aan onderwerpen? Dat maak ik zelf wel uit!” 

Massa’s onbekeerde kerkgangers zonder enig Bijbels Fundament, willen graag veel voor de Heer doen en menen dat dit beter zou gaan, wanneer zij bijvoorbeeld minder kinderen hadden, meer geleerd hadden of meer geld bezaten. Het gaat er echter niet om wat wij voor de Heer doen. Of wij grote (anbi)-giften voor ‘het werk van de Heer kunnen geven’, ons moeten verliezen in talrijke activiteiten, veel vergaderingen of allerlei EO-dialogen moeten meemaken. Het gaat er om of men een nieuwe schepping is, waardoor het geluk, de redding en verlossing zich verspreiden kan en niet om intensieve contacten te onderhouden met politieke kartels die hen naar de afgrond voeren.

Petrus zei tot de verlamde aan de poort, de Schone: ‘Zilver en goud bezit ik niet, maar wat ik heb geef ik u; in de naam van Jezus Christus, de Nazoreeër: Wandel!’ (Handelingen 3:6). De apostelen waren mannen van God en als hun schaduw op een zieke viel, genas deze. Als een christen het Koninkrijk van God niet in hem heeft – gefundeerd op het enige Bijbels fundament – kan hij geen gerechtigheid, vrede en blijdschap aan anderen doorgeven. Wanneer Christus niet in hem is en de Geest van God zijn kracht en gaven niet in hem kan ontplooien, kunnen alle  krampachtige inspanningen en fanatieke werkzaamheid hem niet helpen.

Doop in Gods Geest, waar heb je het over??

Geen gerechtigheid, geen vrede en geen blijdschap…

Als het wezen van de christen licht en geen duisternis is, zullen zijn daden en zijn woorden hiermee in overeenstemming zijn. Een goede bron geeft géén slecht water (Jacobus 3:11,12). Een opnieuw geboren christen lijkt op Jezus Christus. Hij krijgt dan de opdracht om Zijn getuige te zijn. Dat wil en kan hij doen dankzij de doop met Gods Geest. Hoeveel mensen in hun kerk kunnen zeggen dat zij met Gods Geest gedoopt zijn? Het doel van het evangelie is niet om enkel gered te worden door een zoveelste doopformulier of een verzonnen ‘verbond met Abraham’, maar er staat:

  • ‘Elk van God geïnspireerd Schriftwoord is nuttig om daarmee te onderwijzen, te weerleggen, te verbeteren en op te voeden in de rechtvaardigheid. Zodat de mens van God volkomen is, tot alle goede werken volkomen toegerust’ (2 Timotheüs 3:16,17).

Goed werk is het werk dat Jezus deed. Wanneer wij in staat zijn te doen wat Hij deed, klinkt het: ‘Ik ken uw werken. Zie, Ik heb voor uw ogen een geopende deur gegeven en niemand kan die sluiten‘ (Op.3:8). Gods Geest zal dan hetzelfde in hen doen wat Jezus deed, toen Hij het land doorging om het evangelie te brengen en allen die door de duivel overweldigd waren te genezen (Hand.10:38).

Door de duivel gevangen genomen? Wij? 

‘Maar om het volk durfden zij Hem (Jezus) niet te vermoorden…’ (Johannes 8:37-59).

Niemand kan tot een zoon van God opgroeien, als hij niet eerst vrij is, of vrijgemaakt wil worden van satans demonen. Wij constateren helaas dat dit laatste vandaag het nieuwe normaal is. Wij richten ons daarom met de boodschap van het evangelie op de vrijmaking van de wél willende christenen en niet op de massa’s weerspannigen. Er zijn immers ook ‘christenen’ die helemaal nergens van verlost willen worden (Jes.65:20). Een ‘heilige communie’ of een opgehoeste ‘geloofsbelijdenis’ is voor hen voldoende. Hooguit willen ze nog van zichzelf verlost zijn, of zichzelf doden…

Zijn onze baby’s kleine demonen?

Eeuwenlang belijden kerkgangers dat zij slecht en zondig zijn. Zij kunnen vandaag nog steeds niet bevrijd worden, omdat er geen kennis en inzicht in de geestelijke wereld is. Zij willen hier zelfs niets van weten. Vrijmaken betekent het breken van de kettingen, het verlaten van de gevangenis, het afleggen van het juk, het wegnemen van de last en het genezen van de wonden van geest, ziel en lichaam. In verband met dit vrijmaken zei de Heer:

  • ‘Voorzeker, Ik zeg u, ieder die de zonde doet, is een slaaf van de zonde.’ Elke keer opnieuw zullen wij de boodschap brengen: ‘wie zondigt, stelt zich onder de invloed en macht van satan en zijn demonen, maar Jezus Christus maakt vrij!’ (diegene die dit ook zèlf wil).

De zonde hoort essentieel niét bij de mens. Deze macht wordt van buiten af in zijn of haar leven gevestigd. Zij zijn bezet gebied gewórden(!), maar Jezus Christus is gekomen om de werken van de duivel te verbreken. Hij zei dat de waarheid de mens zou vrijmaken. Hij is de waarheid zelf en zijn woorden geven de weg naar de vrijheid nauwkeurig aan. Jezus toonde de manier waarop een mens verlost en genezen wordt. Hijzelf heeft het voorbeeld nagelaten. Onze strijd is niet tegen vlees en bloed, niet tegen mensen, niet tegen zichzelf, maar tegen de demonen van satan, die de zonde, gebondenheid en ziekte in de mens veroorzaken. Velen zijn zo met demonen vergroeid, dat zij zich met hen vereenzelvigen. Zij doen hun best om Jezus te volgen, maar zij komen maar moeizaam vooruit. Zij zijn als een fietser, die met de remblokjes stevig op de velgen, vaart wil zetten.

Het is onze opdracht te onderzoeken op welke manier de mens van de machten van de boze geesten, van die van zonde en ziekte, door de wetten van de Geest bevrijd kan worden: ‘Want de wet van de Geest van het leven heeft u in Christus Jezus vrijgemaakt van de wet van de zonde en van de dood’ (Romeinen 8:2). Daarom blijven wij doorgaan met schrijven over de doop met Gods Geest en het streven naar en het gebruiken van de geestelijke gaven. De laatste vormen het gereedschap waarmee de boeien doorgezaagd, kettingen verbroken en de gevangenisdeuren geforceerd worden. Gebonden en gevangen mensen zijn door de duivel overweldigd. Zij moeten doen wat zij liever niet willen. Zij zijn niet vrij en kunnen daarom niet naar de volkomenheid toegroeien.

Innig met satan verbonden

Zij die de satan en zijn demonen zelf liefhebben laten we hier buiten beschouwing. Wanneer men zijn door God ingeschapen geweten bewust dichtschroeit met brandijzers, heeft men de duisternis liever dan het licht en zal dan ook voor eeuwig verloren gaan. Als de boeken worden geopend vluchten zij zelf naar de buitenste duisternis waar hun worm niet sterft en zij voor eeuwig een afschuw zullen zijn. Gelukkig maar, want door deze vervloekten zou de nieuwe hemel weer in een nieuwe hel kunnen veranderen. Alle eer voor God en Zijn plan! (Op.20:11-15).

Vastgoed Tycoon en multimiljardair, met een eeuwig, dood monsterlijk gedrocht aan het kruis in zijn occulte handen, twijfelt of God wel bestaat…

Een zware taak

Wij ontkennen niet dat bovengenoemde opdracht een zware taak is. Wij staan immers met deze boodschap alleen. Wij komen net als onze Heer Jezus op geen enkele lijst voor en men vindt ons in geen enkel hokje, net zoals de Heer zijn hoofd nergens kon neerleggen (Mattheüs 8:20). Jezus kon de leiders van zijn dagen niet overtuigen van hun blindheid, omdat zij meenden dat zij goed zagen. Het is ook moeilijk de ‘leiders’ van onze dagen van hun gebondenheden te overtuigen, omdat zij leren dat ze niet gebonden kunnen zijn. Daarom blijven zij gebonden en worden niet bevrijd of willen zelfs helemaal niet bevrijd worden. De aarde is hen liever dan het hemelse.

Onze boodschap van het ‘eeuwig-evangelie’, wordt bespot, maar zij vergissen zich. Wij brengen geen bijzonder evangelie, maar de waarheid van Jezus Christus. Wij brengen zijn enige en eeuwige evangelie, wij willen spreken zoals Hij en handelen zoals Hij. Wij willen zijn zoals Hij en het doel nastreven dat Hij ons voorgesteld heeft. Wij gebruiken de geestelijke gaven zoals het spreken in talen, omdat Hij ons deze opdracht gaf, omdat het een functie in ons leven heeft en situaties uitwerkt in de onzienlijke wereld. Wij werpen demonen uit om de mensen te bevrijden in de naam van Jezus door het woord en in de kracht van Gods Geest. Wij leggen onze handen op zieken om ze te genezen, zoals Jezus het gebood!

Vijandschap tegen het Israël van God

De vijandschap die wij opmerken is principieel dezelfde als onze Heer ondervond. De leerling is niet meer dan zijn Meester. Men zei van Hem dat Hij bezeten en een drankorgel was en wij horen dezelfde beschuldigingen. Maar het doel van de Meester is nog hetzelfde en de weg daarheen blijft altijd dezelfde. Jezus Christus is Dezelfde, gisteren en vandaag. Hij is gekomen om veel broers en zusters tot heerlijkheid te leiden. Wij willen Jezus radicaal volgen en de volle raad van God brengen. Wij zien de krachten van de hemel en aarde al wankelen en weten, dat wij de demonische eindtijd niet zonder dit eeuwig evangelie kunnen ingaan (Op.14:6). Wij willen als overwinnaars uit de strijd komen. Daarom gaan wij verder met de camouflage te verbreken die over talrijke leugens en dwalingen ligt zoals de uitverkiezing– en erfzondeleer, die christenen willoze slachtoffers maakt van een onberekenbare en despotische god (Zondag 10).

De uitverkiezingsramp

Johannes Calvijn:

  • ‘Wij zeggen dat de Schrift op zijn minst duidelijk aantoont, dat God door zijn eeuwige en onveranderlijke raad eens en voor altijd heeft vastgesteld, in welke persoon Hij een behagen had om hem tot behoud aan te nemen en anderzijds in welke persoon Hij een behagen had hem te veroordelen tot verderf’.

Ons verzet tegen de vrijwillige zelfvernietiging

Maar ook ontmaskeren we de valse drie-eenheidsleugen, die het de christen onmogelijk maakt om aan het beeld van Gods Zoon gelijk te worden. Volgens deze dwaling is Jezus ook God en daar kan een mens nooit gelijk aan worden. Verder verslaat de aardse Israëlleer inmiddels zijn miljoenen. Een massabetovering die zijn weerga in de geschiedenis van het christendom nauwelijks kent. Duizenden kerken en gemeenten in Nederland zijn met dit afschuwelijke virus besmet.

Strijden of deserteren? 

Daaraan nog al die voortijdige opnametheorieën gekoppeld, die een onvolmaakte gemeente vol met rimpels en besmettingen plotsklaps naar de hemel voert. Een gewaarschuwd man geldt voor twee en het christelijke volk gaat verloren, omdat het geen kennis van de onzienlijke wereld wil verzamelen èn dit bewaken.

Daarom gaan wij door met de boodschap van het koninkrijk van de hemelen totdat dit evangelie tot aan de uiteinden van de aarde gehoord zal worden en dan pas zal het einde komen, of men het wil aannemen of niet! (Mattheüs 24:14).