Laat Jezus u redden!

Een enorme klap was het, tot in de verre omtrek te horen. Hoe kan het ook anders, wanneer grote stukken staal plotseling met grote snelheid met elkaar in botsing komen. Onvoorstelbaar wat voor een uitwerking dat heeft! Wanneer er tussen zo’n massa verwrongen metaal ook mensen zijn, wordt er met recht gesproken van een ramp. Al gebeuren zulke calamiteiten maar zelden, elke keer wanneer het gebeurt is het een keer teveel. Leed en ellende zijn er immers mee verbonden, nood die niet altijd te verhelpen valt.

Rampen en ongelukken zijn vreselijke dingen. Daar zal ieder het wel mee eens zijn. En toch zijn ze niet altijd te voorkomen, ondanks alle voorzorg. Met een gevoel van onmacht moeten wij nog maar al te vaak toezien hoe er slachtoffers vallen. Dan weer hier, dan weer daar. We beseffen hoe de schepping nu nog zucht onder het juk van de vijand, de satan. Want een ding is zeker: God wil deze dingen niet! God wil enkel het goede, het welgevallige en het volkomene voor de mens (Rom.12:2). Alles wat daar tegen indruist komt ‘van de andere kant’.

Wanneer wij deze foto bekijken, bekruipt ons, naast een gevoel van ontzetting, toch ook een gevoel van bewondering. Bewondering voor die hulptroepen, die dan toch maar altijd weer aanwezig zijn. Deze mannen en vrouwen worden er het eerst op afgestuurd. Hoe erg de situatie ook is, hoeveel menselijk leed daar tastbaar aanwezig is, zij gaan. De helpers van het eerste uur. Gehard in de praktijk van dit ‘bedrijf’, maar toch ook mannen en vrouwen met menselijk gevoel. Iedere keer opnieuw moeten zij iets wegslikken, wanneer zij het leed zien wat zo’n ramp met zich mee brengt. Veel tijd voor emotie is er niet. Er moet gered worden wat te redden valt. Actie dus! Moeilijk werk, maar wel bewonderenswaardig.

Verschrikkelijk is het wanneer je door zulk geweld je leven of je gezondheid verliezen moet. En ook al breng je het er levend af, dan nog kan je hele bestaan er door verwoest worden. In revalidatiecentra weet men daar van mee te praten. En toch, hoe erg zulke dingen ook zijn, het blijft iets van het aardse, tijdelijke bestaan. Ellende zowel als voorspoed zijn tijdelijk van aard, er komt een einde aan.

Er bestaat echter nog een ander soort nood die nog veel ingrijpender is. En toch wordt deze vaak niet voldoende onderkend. De mens die weet te ontkomen aan alle soorten onheil die er maar te bedenken zijn, kan ook leven in een situatie die veel en veel erger is. Wij doelen hier op een eeuwig gescheiden zijn van God, verbonden te blijven met de machten van de duisternis, door wie men zich altijd heeft laten leiden. Zij hebben het eeuwig evangelie, dat eeuwig leven geeft, bewust afgewezen. De Bijbel noemt dat ‘verloren gaan’. Dat is het resultaat van elk leven dat bewust buiten God en Zijn wil geleefd is. Een bestaan dat zijn doel heeft gemist.

U die dit leest, hoeft het doel van uw leven niet te missen; u hoeft niet ‘verloren te gaan’. U mag uw bestemming bereiken; als kind van God leven, nu en tot in alle eeuwigheid. Hoe de situatie bij u op dit moment ook mag zijn, er is een Helper die u te hulp komt. Er is een Redder die de mens redt van de eeuwige ondergang. Zijn naam is: Jezus Christus. Hij kent geen gevoelens van onmacht; er is geen enkele situatie te bedenken waaruit Hij de mens niet kan redden. Jezus is een machtige Verlosser! Door te geloven in Jezus en Hem te volgen, krijgt uw bestaan een nieuwe dimensie: van een aards, natuurlijk en tijdelijk leven wordt het: eeuwigheidsleven! Nu misschien nog vermengd met problemen en zorgen, straks daarvan volledig verlost.

Lezer, lezeres, laat Jezus Christus u redden!