Misleidende liefde

In de gemeente functioneert de liefde net als in een huisgezin. De hele gemeente is één in liefde tot de Vader. Dit is een verwachtende en ontvangende liefde. Men ontving de schuldvergeving, die zijn Zoon voor ons verwierf en men verwacht in gerechtigheid te leven en de verlossing te erven, zoals de Vader beloofd heeft. Maar Gods kinderen bezitten nog een andere liefde, de liefde van God, die met de Heilige Geest in hun harten is uitgestort. Dit is geen ontvangende liefde, maar een gevende, zoals de Heer zelf uit zijn rijkdom de ene genade na de andere schenkt. Deze liefde geeft de hartsgesteldheid, om mede-uitdeler van de genade van God te zijn.

Van de Mensenzoon staat, dat Hij gekomen was om het verlorene te zoeken en te behouden. Zo bewees Hij zijn liefde. Zo zal ieder gelovige, die de liefde van God in het hart heeft, de verlorenen zoeken om hen te redden en te genezen. In zijn liefde tot de zondaar zal hij echter niet aanpappen met het kwaad of zijn ogen sluiten voor de demonen, die de mens tot een zondaar en verlorene maken. Hij zal echter de mens claimen voor het Koninkrijk van God en in de geestelijke wereld voor hem strijden tot behoud en herstel. Niemand heeft grotere liefde dan hij, die zijn leven in deze strijd tegen de boze geesten inzet voor zijn vrienden. Daarom moet de gemeente streven naar de liefde en de geestelijke gaven. Dit is de weg, die het verste omhoog voert. Op deze hoge weg bereiken wij samen de volmaakte volwassenheid.

Er wordt echter ook een misleidende liefde gepropageerd, die men als dekmantel gebruikt om gerechtigheid en ongerechtigheid, om waarheid en leugen, bij elkaar te houden. Het is een ziekelijk heulen met het goede en met het kwade. Deze zogenaamde oecumenische liefde, die alles en iedereen accepteert, is een groot struikelblok op de weg van de verlossing en op die van de volmaaktheid. Wij kunnen noch de ongerechtigheid, noch de leugen, meenemen op de hoge weg in het Koninkrijk van God. De Heilige Geest leidt alléén op de weg van de Waarheid en die van de gerechtigheid. Wanneer wij hen, die in ongerechtigheid leven en die de leugen verkondigen, zo accepteren, kunnen wij de volkomenheid niet bereiken en het volledige geluk niet erven. Vanuit de liefde van God, die het herstel beoogt, kunnen wij ‘de liefde voor uw broeders en zusters, en uw liefde voor uw broeders en zusters met liefde voor allen’ opbrengen (2 Petr.1:7).

Wij zien vandaag aan de dag dat men een liefde predikt, die buiten de leer, dus buiten het geloof en buiten de hoop of verwachting omgaat. Wij hopen immers op de heerlijkheid van het zoonschap! Hier ontmoeten wij een liefde, die elkaar op het natuurlijke vlak wil accepteren, maar waarvoor men de intrinsieke geestelijke waarden uitschakelt. Op deze manier kan men elkaar wel individualistisch benaderen, maar niet in gemeenteverband. Men kan wel lief doen tegen elkaar, maar men bezit geen enkele verantwoordelijkheid ten opzichte van de ander. Dit is wel het geval in het huisgezin van God. Daar is men niet alleen geroepen om de andere liefde te bewijzen, maar ook om hem te ondersteunen in zijn zwakheden, te vertroosten en te vermanen, zodat men samen het goede spoor houdt:

  • ‘Dan groeien wij ons aan de waarheid houdende, in liefde in elk opzicht naar Hem toe, die het hoofd is, Christus’ (Ef.4:15).

Een vraag

Wij maken ons geen illusie dat wij al de hindernissen, die de duivel door valse leringen op de weg van God gebracht heeft, gesignaleerd hebben. Ieder kan zelf aanvullen. Wij willen alleen nog vragen: is het uw bedoeling de weg van de verlossing en ontkoming vanuit het rijk van de duisternis naar de heerlijkheid van Jezus Christus helemaal te gaan? Of ergens te blijven steken of een zijpad in te gaan, dat zeker niet omhoog, maar meestal terugvoert naar de aardse regionen?