Geloven in een God die niet bestaat

De kop van dit artikel is een samenvatting van de titels van twee boeken van Klaas Hendrikse, ‘predikant’ van de PKN, die ook in de eigen kerkformatie omstreden is. Het is ons niet bekend hoeveel kerkmensen achter zijn opvattingen staan. Wel zijn er velen die wel degelijk hun geloof gevestigd hebben op een niet bestaande god!

Wat klopt er van?

Wat wel waar is, maar wat Klaas Hendrikse niet bedoelt, is dat er heel wat mensen zijn die een godsbeeld hebben dat correspondeert op een niet-bestaande god. In de tijd van het Oude Testament heeft God in algemene zin gezegd: ‘Mij komt de wraak toe, Ik zal het vergelden’. De God van de Schriften wordt in de beleving van veel kerkmensen een god die  straft en slaat, een god die zowel het goede als het kwade je laat toekomen. Ze geloven zelfs dat die god met zijn vergeldende wraak mensen op het oog heeft. Díe god bestaat volgens hen zeker wel, sterker nog daar geloven zij in.  

Wat ons betreft: wij geloven in de enkel goede God. Dat is niet de god zoals hierboven beschreven. De Heer Jezus heeft ons de Vader doen kennen zoals God werkelijk is. Hij zei:

  • ‘Ik zal Mijn mond opendoen met gelijkenissen; Ik zal over dingen spreken die verborgen waren vanaf de grondlegging van de wereld’ (Matth.13:35). Jacobus zegt over de Vader: ‘Dwaal niet, mijn geliefde broeders! Elke goede gave en elk volmaakt geschenk is van boven en daalt neer van de Vader van de lichten, bij Wie er geen verandering is, of schaduw van omkeer’ (Jac.1:16,17).

God straft en slaat niet. Gods wraak treft geen mensen, maar bevrijdt en herstelt ze juist onder Zijn zegenende handen. Dat mogen alle mensen ervaren in hun contacten met de hemelse Vader en met Jezus, zijn eerste geestelijke Zoon. De vergeldende wraakgedachten die de ware God terecht koestert, gelden niet voor de Hem al of niet dienende mensen, maar zijn tegenstanders in de hemelse gewesten: Satan en in diens spoor de duivelse demonen.

Nóg zo een!

Een andere niet-bestaande god is de god van de strakke religieuze wetgeving. Dat is de god die het innerlijk van christenen opoffert aan strakke regelgeving en daarin geen erbarmen kent. Het kan niet genoeg onderstreept worden, dat de eeuwige God voor de mensen altijd een liefhebbende Vader is. Er zal nooit een moment komen waarop een mens zijn Schepper anders zal tegenkomen. Hij kan echt niet uit zijn humeur gebracht worden of geïrriteerd raken. Gelukkig is God onze Vader altijd dezelfde! Jezus formuleerde het juist, toen Hij over één van de op dat moment nog rechtsgeldige oudtestamentische wetten zei: ‘De mens is er niet voor de sabbat, maar de sabbat is er voor de mens’. Over heel wat wettische voorschriften zou je hetzelfde kunnen zeggen. Want men kan zeker geloven in een god die niet bestaat; en van die god, is Jezus beslist de zoon niet!