De leer over de Geest

De Bijbelschoolstudent S.L., die in het buitenland woont, heeft de volgende problemen:

  • ‘Dit semester hebben we een cursus over pneumatologie gehad (de leer over de Geest). De uitleg verschilt met de pinksterboodschap en is puur fundamentalistisch. In ieder geval wordt ‘de tweede ervaring’ met het spreken in nieuwe talen dan wel niet categorisch ontkend, maar wel zo gereglementeerd, geraffineerd ontmanteld en van haar kracht beroofd, dat er niets meer van overblijft.
  • Mijn probleem is zeer concreet. Mijn vriendin en ik verschillen hierover van mening. In het begin van onze verkering was dit helemaal geen moeilijkheid. We praatten er niet over, ik wilde niet fanatiek zijn of doorduwen. Nu heeft ze door deze cursus argumenten gekregen. Dit verschil in dogmatisch inzicht heeft natuurlijk later zijn consequenties in het gemeentewerk en in de bediening. Ze is naar de directeur geweest en deze heeft gezegd dat ze moet afwachten. Ik zou nog kunnen veranderen. Ze blijft beweren dat ik het verkeerd heb en dat ik mij moet laten corrigeren. Onze verhouding is op deze manier onzeker geworden. Ze staat op het moment er ook niet voor open iets te lezen. Ik heb haar geattendeerd op uw site en de artikelen over het Fundament, maar ze leest dit niet.
  • Door deze innerlijke strijd begin ik aan mijn eigen geloof te twijfelen. Ik heb beloofd om alles grondig te bestuderen, maar ik weet de uitkomst. De directeur heeft gezegd dat ik eerst een standpunt moet innemen en dat we dan vandaaruit onze verdere houding moeten bepalen. We houden erg veel van elkaar. Moet het nu uitgaan om deze kwestie? Waar blijft dan de leiding die ik meende te zien? Menselijkerwijze is er geen oplossing. Discussiëren helpt niet. Ze voelt zich gesteund door de school en de directeur.
  • Dagelijks kom ik met enkele pinksterbroeders samen om voor dit geval te bidden. Ik ben al door verschillende teksten bemoedigd, maar als ik weer in de realiteit van het schoolleven sta, is alles weer troosteloos. Je kunt toch voor zoiets niet ineens de relatie verbreken. Dan krijgt ze misschien wel eens en voor altijd een haat tegen de pinksterbeweging. Op school zijn twee (niet de enige) pinksterstudenten wier verloofden beiden anti waren. Ze bleven trouw aan hun liefde en aan het woord en zowel de jongen van het ene paar als het meisje van het andere stel kwamen geleidelijk tot verandering. Ze groeiden naar elkaar toe. Ik weet dat dit bij de één een jaar lang innerlijke strijd gaf. God heeft echter een machtig werk gedaan.
  • Kunt u mij raad geven? Ik zit met de meningsverschillen in verband met het werk van de Heilige Geest, met de eschatologie (leer over de toekomst), het vraagstuk Israël, enzovoort, hoewel ik persoonlijk mijn standpunt wel ingenomen heb. Ik weet dat u zich bloot stelt aan kritiek als het verkeerd afloopt, maar in de warboel van emoties en theologische verschillen zie ik het niet meer zitten. Ik zeg het maar eerlijk. Inmiddels verblijf ik met vriendelijke groeten en Gods zegen op uw werk toe gebeden…’

Antwoord

Wanneer een jongeman van orthodoxe huize naar een universiteit gaat om theologie te studeren, is er kans dat hij daar zijn (kinderlijk) geloof kwijtraakt. Wanneer iemand uit een pinksterkring naar een Evangelische Bijbelschool gaat om daar zijn opleiding te ontvangen, betekent dit voor hem om moeilijkheden vragen. Wat het modernisme doet met zijn ontmythologisering en Bijbelkritiek, doet de evangelische richting met haar afschuwelijke Bedelingenleer. Aan de hand van de Scofieldbijbel wordt het er in gehamerd: Dit was voor vroeger en dat is voor later! Denk alleen maar aan de uitleg, dat men het boek Openbaring op de drie eerste hoofdstukken na, niet aanvaardt als voor de gemeente bedoeld! Of men nu zegt: dit gedeelte van de Bijbel is erin gevoegd, of dit verhaal strijdt met het gezonde verstand van de moderne mens, òf dat men beweert dat een bepaald Schriftgedeelte niet voor ons geldt, maar voor een ander tijdperk, komt in de praktijk op hetzelfde neer. Men gebruikt in deze kringen graag de uitdrukking van Paulus, dat men het Woord recht snijden moet, maar de Bijbel is net als de rok zonder naad, uit een stuk en men mag hem niet versnijden.

Onze jonge lezer zit in het evangelische schuitje en wat moet hij nu doen? Heengaan of blijven? Dit instituut werd door de regering van zijn land erkend en afgestudeerden zijn bevoegd tot het geven van godsdienstonderwijs op scholen. Veel voorgangers kunnen door dit lesgeven het financieel redden, want de kleine gemeenten zijn vaak onmachtig hun salaris op te brengen. Zeker doet onze student op deze bijbelschool veel parate kennis op en dat is voor een toekomstige leraar onmisbaar. Zijn school staat in dit opzicht goed bekend. Het gaat er dus maar om of hij genoeg inzicht in de Schrift heeft en voldoende volharding kan opbrengen om stand te houden tegen de indoctrinaties van de speciale evangelische dogma’s, die allen gebaseerd zijn op de Scofieldbijbel.

Opgemerkt moet natuurlijk worden dat er onder de ‘Evangelicals’ op de wereld ook een enorme verscheidenheid van denken bestaat. Zijn school is echter van ouds altijd sterk anti-pinksteren geweest. Wanneer deze student vasthoudt aan de leer over de strijd in de hemelse gewesten en blijft geloven dat de Bijbel een zuiver geestelijke bedoeling heeft, zal hij de ongeestelijke Bedelingen-eschatologie verwerpen, die zich richt op de natuurlijke dingen en op het natuurlijke volk Israël. Wanneer de apostel Paulus ook ons adviseert om te streven naar de geestelijke begaafdheden, is dit duidelijke taal en kan men toch moeilijk beweren dat men de hele Schrift gelooft, als men zich hier tegen keert en de geestelijke gaven voor onze tijd verwerpt.

Ik kom wel eens op internetsites waar men van zulke bijbelscholen advertenties opneemt. Dit heeft dan de bedoeling dat we onze jonge gemeenteleden naar zulke instituten zullen zenden. De geesten die hier achter zitten, kan ik het best typeren met het motto: weg met ons! Demonische geesten, die trouwens het hele westerse denken hebben geïndoctrineerd en er enkel op uit zijn de mensheid te vernietigen. Het nog overgebleven element van deze ‘Bijbelgetrouwe’ instellingen is, dat zij een rechtzinnige leer óver Jezus belijden. Zij aanvaarden ten volle alles wat Jezus gesproken en gedaan heeft, maar het evangelie ván Jezus, dus dat Hij zelf overal verkondigde, nemen zij beslist niet over. Zo leerde de Heer:

  • ‘Als Ik door de vinger van God (Gods Heilige Geest) de boze geesten uitdrijf, dan is het Koninkrijk van God over u gekomen’.

Jezus getuigde dat Hij dagelijks demonen uitwierp en Hij gebood zijn leerlingen zijn navolgers te zijn. Tot alle gelovigen wordt gezegd: ‘Duivelen zullen zij uitwerpen’ (Marcus 16). De Heer sprak niet over het herstel van het aardse Israël, maar over het herstel van een beschadigde en overweldigde mensheid, die door deze methode bevrijd zou worden. Voor de zuchtende schepping hebben deze ‘tijdperkenknippers’ geen enkele oplossing of troost!

Onze lezer heeft het moeilijk, maar ik kan wel begrijpen dat hij zijn diploma koste wat het kost wil halen. Welnu, onze kinderen op de middelbare scholen of op de universiteiten hebben het ook niet gemakkelijk. Daar heeft men maar al te vaak (veelal vrouwelijke) docenten die geleid worden door antichristelijke geesten. Als hij later voorganger wordt, doet hij verstandig maar heel veel van het geleerde zo spoedig mogelijk te vergeten en overboord te zetten. Uit ervaring weet ik ook hoe men zulke kennis nog kan gebruiken om anderen de ogen te openen, omdat men zo goed van deze dwalingen op de hoogte is.

Onze jonge broeder zal echter later zijn werk nooit goed kunnen verrichten, als zijn vrouw dan niet voor honderd procent achter hem staat. Hoe kan een pinksterprediker sterk staan in de verkondiging van het Woord, als bijvoorbeeld zijn vrouw niet gedoopt is met Heilige Geest en niet in talen spreekt? Men wil toch als voorganger en als voorgangersvrouw het voorbeeld geven, dus vóór gaan. Ook is het vaak nodig dat de voorganger in het pastorale werk geassisteerd wordt door zijn echtgenote, vooral wanneer het zusters betreft. Leiders wier vrouw niet met hen optrekken in de geestelijke wereld, worden in hun geestelijke ontwikkeling gehandicapt en komen dikwijls niet verder dan het bedrijven van evangelisatie. Zij proberen dan elkaar vijandige gedachtewerelden te bundelen tot een soort evangelisch pinksteren, of zij begeven zich op de emotionele toer.

Ik herinner mij een conferentie waar een bezoeker beweerde dat de belofte van de Heilige Geest voor ‘in de laatste dagen’ slechts de Joden betrof en voor ons niet gold. Zo’n uitspraak zou men haast niet voor mogelijk houden, maar zij werd zo duidelijk gelanceerd, dat ik het mij nog goed herinner. Lees het Scofieldcommentaar maar eens bij Handelingen 2:17. Het is jammer dat de vriendin van onze student weigert de artikelen over ‘Het Fundament‘ te lezen. In de situatie waarin zij en haar vriend verkeren, horen zij toch elkaars standpunten te kennen.

Kort geleden las ik op een site dat een voorganger erover klaagde dat hij ongevraagd zoveel lectuur van allerlei richtingen toegezonden kreeg. Hij gaf de raad om in dergelijke gevallen dit soort geschriften ongelezen te retourneren. Ik ben het met dit advies niet eens. Als voorganger moet men zich juist op de hoogte stellen van de leringen die onder de christenen de ronde doen. Men heeft dan gelegenheid deze te toetsen en zo nodig te ontmaskeren.

Ook wij als webbeheer bezoeken tientallen sites en lezen tijdschriften waarmee we het lang niet altijd eens zijn. In de gemeente komen mensen vanwege familieleden of kennissen toch ook in aanraking met allerlei stromingen en leringen. Ze gaan dan naar de voorganger om raad, maar deze zou dan moeten meedelen dat hij niets van de gedachten van de andersdenkenden afweet en ook niet van plan is zich ervan op de hoogte te stellen! Paulus schreef dat zelfs de gedachten van de satan hem niet onbekend waren. Mogen wij dan kennis nemen van wat onze ‘dwalende‘ broeders bezighoudt? Of is men misschien bang dat men geen verweer heeft of erkennen moet, dat men zelf op het verkeerde spoor zit? Dan is dit wel een kwalijke zaak.

Uit de mail van onze student blijkt dat hij zijn Spaanse vriendin bij ‘Operatie Mobilisatie’ heeft leren kennen. In deze evangelisatiebeweging staat men, hoewel niet openlijk, afwijzend tegenover het eeuwig evangelie en het ware Bijbelse fundament. Door de studie komen op de Bijbelschool natuurlijk de tegenstellingen aan het licht, die in een evangelisatiecampagne niet actueel waren. Onze broeder kan zijn vriendin vanwege al deze achtergronden moeilijk iets verwijten, maar hij heeft wel recht op een gesprek over de dingen die hen scheiden. Laat daarbij de achtergrond dan zijn, dat er ook nog veel is wat hen samenbindt. Ze moeten nu proberen duidelijk en objectief hun zienswijze te formuleren. Wie heftig wordt en emotionele argumenten gebruikt, is altijd fout en wordt geleid door ‘vrome’ geesten, want dezen maken een mens kwaad of laten hem huilen als zij het met woorden niet winnen kunnen. Ik geef die directeur gelijk, dat er eerst een standpunt moet worden ingenomen, door ieder rustig en wel overwogen. Wie pinkstervoorganger wil worden, moet niet met een vrouw trouwen die de fundamentele waarheden aangaande de doop met de Heilige Geest loochent.

Tenslotte adviseer ik: doe geen overhaaste stappen. Jullie zijn nog jong en nog niet uitgebalanceerd. Breng geen offer uit sentiment, omdat je lijden wilt, maar breng slechts dan het offer, als je volgens je geweten niet anders kunt of mag. Uit je mail concludeer ik dat je nog niet zover bent. Dat Gods Geest jullie daarom beiden op de juiste weg verder mag leiden.