Neem, lees

Tolle lege, tolle lege

Bovenstaande woorden leggen een link naar de bekende aartsvader Augustinus. Deze raakte na een losbandig leven in een innerlijk conflict, dat hierom draaide of hij nu wel of niet christen zou worden met de daarbij (door hemzelf bedachte) moeilijke consequentie als celibatair te moeten leven. Het verhaal gaat dat Augustinus op een dag in grote zielenstrijd gewikkeld zich in zijn tuin op de grond laat vallen. Dan hoort hij plotseling een buurmeisje een kinderversje zingen: Tolle lege, tolle lege, wat vertaald betekent: neem, lees. Augustinus ziet hierin een aanwijzing van God om de Bijbel te gaan lezen. Kort na deze gebeurtenis bekeert hij zich.

Niemand kan een geestelijk leider in de gemeente zijn, zonder liefde voor het geschreven woord van God te bezitten. De opwekking in dit artikel om de Bijbel te nemen en te lezen kan dan ook beschouwd worden als het open trappen van de bekende open deur.

Boeken naast de Bijbel

Waarschijnlijk zullen er weinig voorgangers zijn, die uitsluitend de Bijbel lezen, alhoewel een kleine twintig jaar geleden een leider van een Bijbelschool er nog prat op ging, dat het enige boek dat bestudeerd werd op het instituut, waaraan hij verbonden was, de Bijbel was. Op zichzelf is zo’n geconcentreerd zijn op de Bijbel iets moois, maar heel veel kostbare gedachten die door anderen in gemeenschap met hun Heer ontwikkeld werden, kunnen hierdoor onopgemerkt blijven. Dit is niet alleen jammer voor de betreffende persoon, maar ook voor degenen die van hem afhankelijk zijn voor hun geestelijk voedsel.

Velen willen alleen maar datgene lezen, dat door schrijvers uit eigen kring geproduceerd wordt. Dit is begrijpelijk. Het is best fijn om nog eens zwart op wit te kunnen terug vinden, wat jezelf ook gelooft. Dit geeft een bevestiging van eigen gedachten en kan helpen om de volgende keer nog nauwkeuriger en beter onderbouwd een vertrouwd en bekend standpunt onder woorden te brengen. Geestelijke leiders die zo denken, kiezen hun boeken op schrijver of uitgever. Ze lezen dus naast de Bijbel alleen boeken die voor hun betrouwbaar zijn. De gedachte die hier achter zit, is, dat er gevaar bestaat dat er ‘verkeerd zaad’ op de akker valt. Dit gevaar kan aanwezig zijn en wie nog niet erg sterk in zijn geestelijke schoenen staat, doet er beter aan om werken van vreemde bodem nog maar even te laten liggen.

Verrassingen

Jaarlijks worden er in de wereld duizenden boeken uitgegeven die handelen over theologische, filosofische of psychologische onderwerpen. Niemand heeft tijd genoeg om dit alles te lezen en veel van deze uitgaven zouden ook best ongelezen kunnen blijven omdat ze geen enkele relevantie met het werk in een gemeente bezitten. Toch kunnen boeken die geschreven zijn door ons volkomen onbekende auteurs, die een kerkgenootschap dienen dat beslist het onze niet is, soms verrassingen bevatten. Nogmaals, niet alles wat zij aan het papier toevertrouwen, is in staat om ons te overtuigen, maar wat is het leuk om bijvoorbeeld te lezen dat de bekende RK-theoloog Hans Küng pagina’s vol schrijft over het axioma ‘God is goed’.

Zwart-wit

Soms kunnen boeken ook choqueren. Er worden beweringen gedaan, die de haren recht overeind doen staan. Misschien slecht voor het hart, maar heel goed om het eigen standpunt nog eens te toetsen. Het is goed en een blijk van geestelijke volwassenheid als we in alle nuchterheid en ongeëmotioneerd kennis kunnen nemen van de argumenten van ‘tegenstanders’. Ook pastoraal kan het van belang zijn te weten welke gedachten er in omloop zijn. De apostel Paulus schrijft over weerleggen en verbeteren. Dit kan alleen vrucht opleveren als we weten wat er nu precies weerlegd moet worden.

Als het goed is, heeft elke voorganger iets van een apologeet, een verdediger van het geloof, in zich. Bijbelstudies en predikingen kunnen vanuit didactisch oogpunt aan duidelijkheid winnen, wanneer een zwart-wit schema wordt gebruikt, dat wil zeggen wanneer we een on-Bijbelse gedachte confronteren met wat de Bijbel nu wel zegt over dit onderwerp. Het gaat er dan nooit om de vertolker van het gewraakte standpunt belachelijk te maken en daardoor een goedkoop succes te boeken, maar wel om de Bijbelse gedachte, die naar ons inzicht de gedachte van God is, meer diepte, meer reliëf te geven.

Met een potlood

Wie het kinderversje: ‘tolle lege’ ook als een aanleiding gaat zien om zelf tot lezen te komen, doet er goed aan een scherp geslepen potlood bij de hand te hebben. Hierdoor wordt het mogelijk om zonder het (dure) boek te bederven, uitspraken die ons boeien te onderstrepen, uitroeptekens in de marge te plaatsen of vol verbolgenheid ‘onzin’ te krabbelen bij een uitspraak die ons al te zeer tegen de haren in strijkt. Zoiets lucht gelijk wat op. Later hoef je zo’n boek alleen nog maar door te bladeren om datgene wat de interesse waard was, terug te kunnen vinden. Lezen, studerend bezig zijn, is ondanks de overbezette agenda een must! Dat het de gemeente goed zal doen is een ding dat zeker is.