Het bestuderen van de woorden van God

Een van de ergste problemen waar de kerken mee te kampen hebben, is ongetwijfeld het gebrek aan serieuze bestudering van het Woord van God, de Bijbel. Dit is de directe oorzaak van de opkomst van ontelbare sekten en bewegingen, die alle beweren volgens de Bijbel te leven, terwijl ze niet anders dan leerstellingen van mensen en bijgelovigheden verkondigen en zelfs praktijken voorstaan die kant noch wal raken. Het is onbegrijpelijk, dat mensen die belijden dat de Bijbel het woord van God is, hem niet lezen noch serieus bestuderen. Sommigen komen zelfs op het punt, dat ze met veel overtuiging leerstellingen in de naam van de Heer verdedigen, zonder er de Bijbel ook maar op nageslagen te hebben.

Sommigen beweren dat ze de enig ware christenen op aarde zijn, volgens hun historisch kerkgenootschap en een z.g. ‘verbond met Abraham’. Maar tegelijkertijd raden ze het bestuderen van het Woord van God af, omdat hun dominee daar al voor gestudeerd heeft. Ze beseffen niet eens hoe inconsequent dat allemaal eigenlijk is. Het spreekt vanzelf dat niemand iets kan geloven waar hij niet duidelijk van afweet en ook geen begrip van heeft. Zonder de Bijbel, die de openbaring van God aan de mensen is, kan men moeilijk iets van God ontdekken. De apostel stelt:

  • ‘Maar hoe kunnen zij iemand aanroepen in wie zij niet geloven? Hoe kunnen ze in iemand geloven zonder van Hem te hebben gehoord? Hoe kunnen ze over iemand horen, als niemand over Hem verkondigt? Dus door te luisteren komt men tot geloof en wat men hoort is de verkondiging van Christus’ (Romeinen 10:14,17).

Het geloof wordt geboren uit de overdenking van de Schriften. Het komt voort uit het Woord van God, of dat nu gesproken of geschreven is. Om deze reden zegt de Psalmist: ‘Gelukkig de mens die niet meegaat met wie kwaad doen, maar vreugde vindt in de wet van de Heer en zich verdiept in zijn wet, dag en nacht’ (Psalm 1:1,2). Verdiepen is niets anders dan diep over de dingen nadenken. Het is het zoeken van inzicht en begrip, verleend door Gods Heilige Geest.

De Bijbel vertelt ons van twee mensen die geestelijk in nood verkeerden door gebrek aan begrip van de geestelijke dingen. De Samaritaanse vrouw was iemand die verloren was in haar zonden en verstoken was van de oplossing van haar innerlijke conflicten en verlangens. Haar problemen op het morele vlak echter kwamen voort uit iets dat veel ernstiger was. Haar werkelijke probleem was namelijk geestelijk. Zij was een religieuze vrouw, die een onbekende God aanbad en diende. Jezus zei tot haar: ‘Je aanbidt wat je niet kent’ (Johannes 4:22). Zij bad tot God zonder Hem te kennen. Zonder ook te weten of ze Hem al dan niet op de juiste manier zocht. Gebrek aan kennis en zekerheid maakt van ieder, wie hij ook is, een zwakke en onstabiele persoon.

Een ander met geestelijke problemen die we kennen door het evangelie van Johannes is Nicodémus. Deze religieuze leider kwam (in de nacht) op bezoek bij Jezus omdat hij vol vragen zat. Hij beschikte slechts over een oppervlakkige kennis van de Schrift door middel van de feiten die hij uit het hoofd had geleerd. Zelfs het dagelijks hardop voorlezen van teksten had deze religieuze leider niet geholpen. Van de werkelijke boodschap van de Schrift had hij geen enkel begrip. Vandaar dat Jezus tot hem in verbazing zeggen moest: ‘U bent degene die Israël moet onderrichten en u begrijpt dit niet?’ (Johannes 3:10).

Als we de Bijbel lezen en haar misschien vers voor vers uit het hoofd leren, zonder de betekenis van de diverse Schriftgedeelten ook te begrijpen, zullen we op dezelfde manier struikelen in ons geloof. We kunnen onmogelijk zaken geloven, die voor ons zonder zin en betekenis zijn. Geloof is immers zekerheid en overtuiging, zoals Gods Woord zegt:

  • ’Het geloof is de vaste grond voor wat wij hopen, het bewijs van wat wij niet zien’ (Hebreeën 11:1).

Er zijn gelovigen, die de Bijbel weliswaar lezen, maar haar slechts gebruiken als een soort ‘kansspel’. Wanneer ze niet weten wat ze moeten doen, openen ze hun Bijbel op goed geluk op de een of andere plaats en proberen daar dan een antwoord te vinden op hun vragen. Deze ‘christenen’ beseffen niet dat Gods Heilige Geest een Geest is van wijsheid en verstand, een Geest van raad en sterkte, een Geest van kennis en vrees van de Heer’ (Jesaja 11:2). Wie wil weten wat Gods weg is, zal de Bijbel moeten bestuderen om te begrijpen wat hij zegt over de wil van God. Iemand die door Heilige Geest inzicht en verlichting van zijn verstand ontvangen heeft, kan het dan ook zonder dit soort ‘Bijbels kansspel’ stellen. De Bijbel is immers een vooral gééstelijk boek. Wie slechts leest wat er staat zal lang niet altijd verstaan wat men leest. Transponeert men b.v. de profeten wel naar de hemelse gewesten? En wat te denken van het boek Openbaring? Zonder geestelijk inzicht blijft dit een gesloten boek (vergelijk 1 Petrus 1:10-12).

Er zijn veel belangrijke dingen die deel uitmaken van de dienst aan de Heer: lofprijzing en aanbidding, evangelisatie en zending. Niet één van deze activiteiten echter kan de centrale plaats van het Woord van God innemen. Dat woord immers vormt het fundament van het geloof en van de levenspraktijk van de opnieuw geboren en met Gods Geest vervulde christen. Het heeft geen enkele zin mensen aan te moedigen om verder te komen in de dingen van God, wanneer ze het Woord van God niet lezen noch bestuderen. In dat geval hebben samenkomsten met prachtige koren in jurken, muziekgroepen en veel emotionele toestanden maar bitter weinig waarde.

Het was niet door een geweldige, gedreven wind en noch door tongen als van vuur dat de menigte op de pinksterdag in Jezus Christus geloofden. Ze kwam tot Hem door middel van het woord dat gepredikt werd door de apostel Petrus. Toen de luisteraars het evangelie hoorden, werden zij diep in hun hart getroffen en zij vroegen aan Petrus en de andere apostelen:

  • ‘Wat moeten wij doen, broers?’ … ‘Zij die zijn woord aannamen, lieten zich dopen; en op die dag sloten zich ongeveer drieduizend mensen aan’ (Hand.2:37,41). Daarom: ‘Wees zachtmoedig en neem het woord van God ter harte, dat in u werd geplant en de kracht bezit uw leven te redden’ (Jacobus 1:21).