2. Indeling van het Oude Testament

<<<<<

 

De ontstaansperiode van de Bijbel beslaat een periode van meer dan zestienhonderd jaar en het is verbazingwekkend om te zien dat al die verschillende geschriften een eenheid vormen en eenzelfde geest uitademen. Door het geloof zien we hier de leiding van Gods Geest, die al die schrijvers uit verschillende tijdperken en uit alle rangen en standen heeft geïnspireerd, zodat zij in staat waren de gedachten van God voor het nageslacht vast te leggen. Het is nog verbazingwekkender, als we bedenken dat zij, levend in het Oude Verbond, niet eens in staat waren om de diepere geestelijke waarheden die zij doorgaven te begrijpen (1 Petr.1:10-12).

De Joden hadden een andere indeling van het Oude Testament dan wij. Zij ziet er zo uit:

  • Thora: Dit woord betekent onderwijs, onderricht, leer of wet.
  • Nevi’im: Profeten.
  • Ketoebim: Geschriften.

Door de eerste letters van deze drie Hebreeuwse woorden samen te voegen, ontstaat er een nieuw woord dat gebruikt wordt in plaats van ons begrip Oude Testament, namelijk Tenach. De laatste ‘ch’ staat voor de ‘k’ van Ketoebim.

De Thora

Bij de Thora horen de zogenaamde vijf boeken van Mozes, ook wel met het Griekse woord Pentateuch aangeduid. We willen ze voor alle duidelijkheid hier opnoemen:

  • Genesis (wording),
  • Exodus (uittocht),
  • Leviticus (van Levi, de priesterstam),
  • Numeri (getallen)
  • en Deuteronomium (tweede wet).

De Nevi’im

Bij de Nevi’im, de Profeten, horen Bijbelboeken die wij er niet toe zouden rekenen, maar die – uitgaande van de veronderstelling dat ze door profeten zijn geschreven – er toch toe gerekend worden. De profeten worden weer onderverdeeld in twee groepen, namelijk de vroege profeten en de latere profeten. Het is in dit verband wel noodzakelijk er op te wijzen, dat de volgorde van de Bijbelboeken in onze Bijbel anders is. Tot de vroege profeten worden gerekend: Jozua, Richteren, 1 en 2 Samuël en 1 en 2 Koningen. De latere profeten zijn dan: Jesaja, Jeremia, Ezechiël en de twaalf kleine profeten, te weten Hosea tot en met Maleachi, geheel volgens de inhoudsopgave van uw eigen Bijbel. Deze kleine profeten vormden een apart boek in de Hebreeuwse Bijbel. Het is voor ons opmerkelijk dat bijvoorbeeld het boek Daniël niet thuis hoort bij de Profeten, maar aangetroffen wordt bij de Ketoebim of Geschriften.

De Ketoebim

Misschien overbodig, maar noemen we hier nog de boeken die tot de Geschriften gerekend worden: Psalmen, Job, Spreuken, Ruth, Hooglied, Prediker, Klaagliederen van Jeremia, Esther, Daniël, Ezra, Nehemia, en 1 en 2 Kronieken.

Indeling door christenen

Schreven we in het voorgaande over de indeling van de Joodse Bijbel, christenen rubriceren de boeken van het Oude Testament anders. In plaats van drie delen onderscheiden wij er vier:

  • Wet: Dit zijn weer de vijf boeken van Mozes.
  • Historische boeken: Jozua tot en met Esther.
  • Poëtische (dichterlijke) boeken: Job tot en met Hooglied.
  • Profeten: Jesaja tot en met Maleachi.

In het kader van dit artikel willen we niet nader ingaan op de inhoud en boodschap van de Oudtestamentische geschriften, omdat we er in eerste instantie van uitgaan dat lezers competent genoeg zijn om die zelf te lezen en te begrijpen.

De Dode Zee-rollen

We willen nog wel een moment stilstaan bij de vondst van de rollen van Qumran. Niet omdat die zoveel spectaculairs onthuld hebben – wat men eerst wel verwacht had – maar omdat de ontdekking van deze rollen aangetoond heeft dat het Oude Testament in de loop van de eeuwen niet verminkt of vervalst is, maar integendeel ons op gave manier is overgeleverd. De geschiedenis over de boekrollen komt in het kort hierop neer: In 1947 is een jonge bedoeïen op zoek naar een geit. Bij zijn klimpartij langs een steile rotswand vindt hij in een grot acht aarden kruiken. Deze grot en nog een aantal andere bevinden zich in de nabijheid van het plaatsje Khirbet Qumran ten Noordwesten van de Dode Zee. De aarden kruiken bevatten zeer oude boekrollen en als de geleerden later meer systematisch gaan zoeken, komen er nog meer rollen en fragmenten aan het licht.

Mensen van allerlei nationaliteit buigen zich vol enthousiasme over de documenten om na lang speurwerk tot de conclusie te komen dat alle vondsten dateren van vóór de geboorte van Christus tot en met de dagen van Jezus’ omwandeling op aarde. Zo vindt men een complete rol van Jesaja en gedeelten van alle Oudtestamentische boeken – met uitzondering van het boek Esther – en ook enkele fragmenten van de apocriefen. Ook treft men er rollen aan die een beschrijving bevatten van de mensen die de rollen gekopieerd hebben en ze in het uur van gevaar zo goed verborgen hadden dat ze 1900 jaar bewaard bleven. Men is er vrijwel zeker van dat deze mensen hoorden bij de Joodse sekte van de Essenen die streefden naar een meer dan stipte naleving van de Thora. Behalve dat dus de rollen van Qumran het ons overgeleverde Oude Testament bevestigen, geven ze ons ook een vollediger kijk op het leven van de Joden en onontbeerlijke achtergrondinformatie over de Joodse godsdienst tijdens van het optreden van Jezus Christus.

De unieke sleutel tot het Oude Testament – Begrijpen wat er staat!  

Het Nieuwe Testament is voor ons van onschatbare waarde. Het Nieuwe Testament is niet een vervolg op de ‘heilige’ boeken van de Joden, het is ook niet een onmisbare aanvulling, maar een unieke sleutel die het pas echt mogelijk maakt om het Oude Verbond te begrijpen. Mensen die bewust leven vanuit het Nieuwe Verbond, lezen en begrijpen het Oude Testament op een heel andere manier dan een orthodoxe Jood. Het zal bijvoorbeeld voor elke opnieuw geboren christen duidelijk zijn dat in Jesaja 53 gesproken wordt over Jezus Christus, terwijl de synagoge dit nadrukkelijk verwerpt. Allerlei historische gebeurtenissen uit het Oude Testament krijgen een geestelijke dimensie door de kennis van het Nieuwe Verbond.

Vanzelfsprekend klinkt een dergelijke benadering een Jood niet aangenaam in de oren en het lijkt aanmatigend om op een dergelijke manier het Oude Testament in bezit te nemen, te meer omdat uit de boodschap van de christelijke gemeente blijkt, dat niet de wet van Mozes ons in het Koninkrijk van God brengt, maar alleen, heel exclusief, het geloof in Jezus Christus. Het is dan ook begrijpelijk dat er van begin af aan spanning en vijandigheid bestaat tussen de aanhangers van de wet (Hand.21:20) en de gelovigen van het Nieuwe Verbond. De brieven van Paulus maken hier geen geheim van.

>>>>>