Erfenis en erfgenaam

Het is in het geestelijke leven als in de natuurlijke wereld. Wie tarwe zaait, oogst tarwe. Wie onkruid zaait, zal van zijn akker niets dan onkruid kunnen verzamelen. Wie aardappels in de grond poot, zal uiteraard alleen maar aardappels kunnen oogsten. Wie op de akker van God, de gemeente, predikt dat men allemaal voor eeuwig zondaar is, dat men verdoemd is en tot niets goeds geschikt, zal een gemeente van zondaars krijgen, die tot de dood geketend zijn aan de duivel. Wie spreekt over rechtvaardigheid, verlossing, vrijheid, overwinning, heiligheid, priesterschap en koningschap, zal een gemeente zien ontstaan, die, gevoed door het levend Woord van God, naar volmaaktheid streeft. Daar vindt men overwinning, kracht en gemeenschap met God. Wat in de akker gebracht wordt, komt eruit.

De apostel spreekt over een erfenis, die in de hemelen weggelegd is. In de gemeente waar het eeuwig evangelie verteld wordt, spreekt men graag over deze erfenis, omdat het veel rijkdom geeft. Opnieuw geboren christenen kunnen dit doen, omdat zij verzegeld zijn met Gods Heilige Geest van de belofte, die een onderpand is van hun erfenis. Dit is nog niet eens het enige. Bovendien heeft men als onderpand een Naam geërfd, die boven alle naam is. Het is de Naam van Jezus. In zijn Naam hebben zij macht ontvangen om duivelen uit te werpen. Wat zij in die Naam verlangen, zullen zij ontvangen. Die rijkdom maakt blij. De Bijbel zegt dat men zo erfgenaam van God is en mede-erfgenaam van Jezus Christus. Men is zo zaad van Abraham en naar de beloften erfgenaam. Men is dan een zoon of dochter van God.

Zijn dit nu allemaal uitdrukkingen, blijde kreten en klanken zijn zonder enige intrinsieke waarde? Nee, maar alleen opnieuw geboren, geestelijke christenen kunnen deze dingen begrijpen. De erfenis is zeer reëel en zelfs eeuwig. De zonen van God hebben deel aan de goddelijke natuur. Dit is de eerste toewijzing van hun erfenis. Als vrucht van de Geest krijgen zij deel aan al de eigenschappen van God. Van Christus wordt gezegd dat Hij aan God gelijk was. In Hem was de volheid van God. Johannes zegt nu dat de zonen van God aan Hem gelijk zullen zijn. Daarom ontvangen zij de kennis en de wijsheid die in Jezus Christus is en al de geestelijke gaven, die ook Hij bezat. Als vrucht van de Geest zullen zich ook goddelijke eigenschappen als liefde, barmhartigheid, goedheid en blijdschap in hen manifesteren.

Leven uit de rijkdom van deze erfenis

Er staat niet dat de erfenis in het hiernamaals gelegen is, maar in de hemelse gewesten of de onzichtbare wereld. Men hoeft niet eerst te sterven om deze rijkdom te kunnen overzien, maar nu al heeft Hij hen mee een plaats gegeven in de hemelse gewesten. Daarom willen zij ook nu al leven uit de rijkdom van deze erfenis. De profeet Jesaja sprak over een tweede aspect van de erfenis.

  • ‘Maar elk wapen dat tegen u wordt gesmeed zal machteloos zijn en ieder die u in een geding belastert zal zelf veroordeeld worden. Dit is het deel dat de dienaars van de Heer toekomt, dit is het recht dat ik hun toeken – zegt de Heer’ (54:17).

Nu al zijn de gelovigen geroepen om te heersen over hun vijanden en de buit te verdelen. Zij kennen hun macht en de liefde van de hemelse Vader t.o.v. hen: ‘Want niet aan engelen heeft Hij de toekomende wereld, waarvan wij spreken, onderworpen. Maar, iemand heeft ergens betuigd, zeggende: Wat is de mens, dat U aan hem denkt’ (Hebr.2:5,6).

Zoals kinderen van God iedere dag in het geloof naar het beeld van God toegroeien, zo richten zij zich ook naar de heerschappij op de troon van God. Daar zullen zij mederegeerders zijn en gesteld zijn en gesteld worden over al de werken van Gods hand. Als onderpand hebben zij de zekerheid dat het hele leger van de vijand hen nu al onderworpen is. Zij hebben een roe ontvangen om satan en zijn demonen te slaan. Zij zijn begonnen om de erfenis in bezit te nemen om later met de Vader te regeren over de hele kosmos tot in alle eeuwen.

  • Is het een wonder dat de duivel een haat heeft tegen de openbaring van de zonen van God en hun werken? Dat het nog altijd klinkt: ‘Laat ons de erfgenaam doden’ (Matth.21:38)? Daarom ondervindt deze overwinningsboodschap zo’n diepe afkeer bij hen, die geen inzicht hebben in het plan van God.

De Geest van God is bezig uit Zijn kinderen alle defecten weg te nemen. Zo maakt Hij hen klaar om wezensgelijk voor eeuwig met Hem en zijn Zoon op de troon te zitten. Zij hebben daartoe het eeuwige leven ontvangen. Dit altijd durende leven is tegelijkertijd kwaliteitsleven. Het is een overweldigende rijkdom van genade.

Wat wilt u bezitten? Wilt u alles achter u laten om deze erfenis te ontvangen? Paulus zei dat hij alles wat hij eerst als winst zag om Christus wil verlies heeft geacht. Hij kende maar één enkel doel en streefde daarnaar met de inzet van zijn leven. U zult de keuze moeten maken. Want ook de duivel heeft een erfenis uit te delen. Eenmaal toonde hij Jezus al de koninkrijken van de wereld en zei: ‘Dit alles zal ik U geven als U voor mij neervalt en mij aanbidt’ (Matth.4:9). Hij bood de tijdelijke en zichtbare dingen aan. ‘De begeerte van het vlees, de begeerte van de ogen en een trots leven is niet uit de Vader, maar uit de wereld. En de wereld gaat voorbij!’ Daarom is niet het natuurlijke leven voor de opnieuw geboren christen het belangrijkste, maar de vernieuwing tot geestelijk mens. Hij ziet uit naar het onvergankelijke leven. Zijn hoop is erop gericht om het onverderfelijke en onbezoedelde erfgoed in de hemelse gewesten in bezit te nemen:

  • ‘wat geen oog heeft gezien en geen oor heeft gehoord en wat in geen mensenhart is opgekomen, al wat God bereid heeft voor degenen die Hem liefhebben’ (1 Cor.2:9).

U moet kiezen tussen een onvergankelijke, nieuwe erfenis die nooit verwerpt of een vergankelijke, verlopen en verwerpelijke erfenis. Het eerste gaat gepaard met eeuwig leven, de laatste voert in de dood. Neem vandaag nog die beslissing en leg de hand op de hemelse erfenis en wat het tijdelijke en zichtbare betreft: op aarde zorgt de hemelse Vader en Hij weet wat u nodig heeft.