Een voorgangersdag

Paulus en gemeente-opbouw

Als Paulus op zijn laatste zendingsreis langs Efeze komt, organiseert hij daar een ‘voorgangersdag’: hij roept de oudsten van de gemeente bij elkaar. Het zal een druk bezochte bijeenkomst zijn geweest. Hoewel we het niet uit de eerste hand weten, kunnen we er toch wel zeker van zijn, dat er in deze wereldstad een bijzonder grote gemeente was. Demetrius, de vakbondsleider van de plaatselijke zilversmeden, dacht bijvoorbeeld dat de christenen als pressiegroep een gevaar begonnen te vormen voor hun commercie. Hij sprak dan ook van een ‘grote groep mensen, niet alleen in Efeze, maar ook in bijna heel Azië.’ Bedenkend dat Efeze als religieus centrum op één lijn stond met Jeruzalem en Athene, kunnen we rustig stellen dat de gemeente van God in die stad wel duizenden leden geteld moet hebben!

Paulus ontmoet nu de leiders van al deze duizenden gelovigen. Dit moeten vertegenwoordigers van vele, vele groepen zijn geweest. Over een centrale vergaderruimte beschikte men immers niet. Vandaar dat men als afzonderlijke groepen bijeenkwam. Paulus wijst daar overigens op als hij memoreert onder welke omstandigheden hijzelf in Efeze gepredikt had: in het openbaar en binnenshuis. In de gehoorzaal van Tyrannus, waar hij debatavonden met de buitenwacht organiseerde en in de diverse ‘huisgemeenten’.

Lucas beschrijft nu de menigte voorgangers van deze verschillende ‘groepen’ in Efeze als de ‘oudsten van de gemeente’. Men komt niet onder één dak samen, men heeft bovendien eigen leiders die wat meer met de afzonderlijke groepen verbonden zijn, maar toch vormt men één enkele gemeente!

De ontmoeting tussen apostel en oudsten is bedoeld als afscheid. Paulus’ taak zit erop. De eenheid van het werk in Efeze moet echter worden behouden. Maar op welke manier, dat is de grote vraag. De apostel wijst de weg:

  • ‘Zorg voor uzelf en voor de hele kudde waarover Gods Heilige Geest u als herder heeft aangesteld’.

Deze apostolische raad spreekt van totale verantwoordelijkheid: álle schapen, geen enkele uitgezonderd, moeten de pastorale zorg kunnen krijgen die ze nodig hebben. Paulus’ raad spreekt echter ook van gezamenlijke verantwoordelijkheid: hoewel al die voorgangers aan diverse groepen leiding geven, delen ze ook gezamenlijk in de verantwoordelijkheid voor de gemeente in Efeze. Men is sámen oudsten van de héle kudde.

De vraag is uiteraard hoe dit nu in de praktijk uitgewerkt kan worden. De apostel geeft het antwoord, door op zijn eigen bediening te wijzen:

  • ‘Ik weet dat niemand van u, aan wie ik op mijn reizen het koninkrijk heb verkondigd, mij terug zal zien’.

Als eerste factor noem hij zijn mobiliteit: Paulus heeft onder de vele groepen die de wereldstad Efeze rijk was, ‘rondgereisd’. Hij heeft aan hechte onderlinge relaties gewerkt, tijd noch moeite gespaard voor persoonlijk contact met de diverse groepen en hun leiders. Belangrijker nog is echter de géést waarin de apostel aan deze verbondenheid werkte. Wat hen onderling samenbond, was de prediking van het Koninkrijk. Dát was het geheim van de eenheid. Die prediking is nu echter volbracht.

  • ‘Ik heb immers mijn uiterste best gedaan om u vertrouwd te maken met Gods wil’.

Hij kan nu rustig afscheid nemen. Als mens is Paulus als bindende factor overbodig geworden. Deze Gemeente is de volle waarheid bekend gemaakt. Dáár kan zij mee verder. Daarin zal men ook verder de onderlinge band hecht kunnen houden. Men zal in liefde zich aan de waarheid houdend naar het Hoofd toegroeien. Vandaar dat de apostel vol vertrouwen zeggen kan:

  • ‘Nu vertrouw ik u toe aan God en aan het evangelie van zijn genade, dat onze gemeenschap kan opbouwen.’

Gods Woord en Gods Geest zullen het werk nu verder doen. Vóór alles moet onze methodiek Paulinisch te zijn: de prediking van het evangelie van het Koninkrijk der hemelen, de wil van God! Eenheid in de leer, jazeker! Wat samenbindt is echter niet de ‘letter van het dogma’, maar het ‘woord van Gods genade’, dát woord dat Gods Geest als bewijs van zijn liefde voor zijn volk in het midden van de gemeenten wil laten klinken. Het charisma van het juiste woord op het juiste moment: voedsel op de juiste tijd.