Als zij niet – wie dan wel?

De Joden, een apart volk van God?

Als een orthodoxe Jood zich inspant om zich heel precies aan zijn wetten te houden, moet hij dan nog tot geloof in Jezus Christus komen om de geestelijke volwassenheid te bereiken (2 Tim.3:16,17)? Zou iemand het hem kwalijk nemen als hij moeite heeft zijn hart te openen voor het evangelie, o.a. door allerlei negatieve ervaringen met het westers antisemitisme?

Dit soort vragen komen ongetwijfeld voort uit een gevoel van menselijke rechtvaardigheid. Met als gevolg dat men de duidelijke uitspraken van de woorden van God naar eigen goeddunken begint in te kleuren. In feite doet men daardoor hetzelfde als zoveel mensen die menen – op grond van een voorbeeldig leven – door God aanvaard te zullen worden. Men gaat daarbij uit van eigen ideeën over de normen die God aan zou moeten leggen en niet van wat God in zijn Woord over zijn wil en plan heeft geopenbaard.

Nicodémus

Wat het oprecht en precies houden van de wet betreft, is geen beter voorbeeld denkbaar dan dat van Nicodémus. Deze vrome Jood was op het punt gekomen om te erkennen dat Jezus een ‘van God gezondene was’. Hij onderscheidde zich daarin uitermate gunstig van zoveel andere Joodse leiders. In feite bevond hij zich al op weg om te zoeken naar de redding van zijn ziel.

Toen Nicodémus in de nacht bij Jezus kwam, daagde Deze hem niet uit om naar huis te gaan en alles te verkopen om Hem te kunnen volgen, zoals Hij bij de ‘rijke jonge man’ deed. Misschien wilde Nicodémus dat al wel en had hij – in tegenstelling tot de rijke jonge man – zo’n les helemaal niet nodig. Hoewel Nicodémus een voorbeeldig geestelijk leven leidde, stelde Jezus onomwonden vast, dat hij opnieuw geboren moest worden. Jezus zei hem niet dat hij al zijn wetten beter moest uitvoeren, maar dat er een nieuwe geboorte nodig was. Omdat hij als Joodse leider alleen zó het Koninkrijk van God binnen zou kunnen gaan.

Als de Joden Jezus niet nodig hebben, wie dan wel?

Waarom zou God in de eerste plaats het Joodse volk een Redder sturen, als andere, grotere volken Hem veel meer nodig hebben? Als de Joden Jezus niet nodig hebben, dan anderen ook niet! Misschien wil iemand vanuit de orthodoxe kerk wijzen op een speciale band die de Joden met God zouden hebben door een verzonnen verbond met Abraham en zijn aardse(!) nageslacht. Maar de Vader opende op geen enkele manier een weg tot verlossing buiten Jezus Christus om. Misschien zegt iemand dat de hoge morele levensstandaard van toegewijde Joden voor God wel voldoende moet zijn. Maar dat zou dan ook gelden voor boeddhisten en hindoes en zelfs voor overtuigde atheïsten. Misschien is iemand van mening dat Joden wel een andersoortig geloof mogen hebben en dat zij ook door dit bijzondere geloof apart gered kunnen worden. De Bijbel zegt echter: één Heer, één geloof en Jezus stelde: ‘Ik ben de weg, de waarheid en het leven, niemand komt tot de Vader dan door Mij!’ (ook niet via verzonnen tijdperken…).

De Bijbel laat geen ruimte voor verschillende soorten evangeliën, geloven of wegen tot God, ook al fantaseert de Bedelingenleer dit wel. Als Joden of andere mensen gered kunnen worden zonder in Jezus te geloven als hun Verlosser, welke betekenis heeft Golgotha dan nog? Als we het kruis van Jezus als iets van beperkte betekenis moeten zien, wat blijft er dan nog over? Is het niet vreemd om te zeggen dat Joden Jezus niet nodig hebben terwijl de profeten juist van de Messias zeiden, die voor het volk Israël komen zou? Als de Joden Hem niet nodig hebben, waarom werd Hij dan niet in Athene of Rome geboren?

Niet elke verzonnen ‘waarheid’ is de juiste. Dè waarheid is dat de mens alleen door Jezus Christus redding kan ontvangen. Hoe rechtvaardig hij ook verder naar menselijke maatstaven lijken mag. Petrus zei onomwonden tot de Joden:

  • ‘Door niemand anders komt de redding, want er is onder de hemel geen andere Naam aan mensen gegeven waardoor wij ons kunnen laten redden’ (ook niet via een 2e of 3e evangelie wat God als Back-up achter de hand zou hebben voor de Joden, omdat Jezus volgens velen z.g. heeft ‘gefaald…’).

Wanneer we geloven wat God zegt over de enige weg tot behoud, ervaren we niet alleen het verlangen zijn boodschap uit te dragen, maar dan weten we dat het ook aan Joden verteld moet worden. Wie niet bereid is het evangelie aan de Joden door te geven, zal nauwelijks bereid zijn het ook aan anderen te vertellen.

Vaak wordt beweerd dat het brengen van het evangelie onder Joden bij velen een antisemitische houding zou kunnen versterken. Een ding moet echter duidelijk zijn: het antisemitisme is op geen enkele manier verbonden met het waarachtige christendom, ook al is dit laatste nog sporadisch te vinden. Als Joden ooit door zogenaamde “christenen” vervolgd zijn, dan niet omdat Jezus dat bevolen zou hebben, maar omdat men zijn leer tot het tegendeel heeft verdraaid.

Het antwoord op het antisemitisme is niet om Jezus en zijn gemeente zolang op een zijspoor te zetten, maar zorgvuldig op zijn woorden te letten. Als Jezus de enige weg is om Gods redding te ervaren, dan is de ergste vorm van antisemitisme de Joden van het geloof in Jezus af te houden. Joden hebben Jezus nodig om gered te worden. We zullen ons er niet van laten afhouden hun dat te vertellen!